Doemdenken

Het is me al wat geweest de laatste maanden. Ik heb weer zoveel bijgeleerd over mezelf. Maar niet alles wat je leert is per se goed. Ook dat is, ironisch genoeg, weer iets dat ik heb geleerd.

In 2018 (jep, het is vroeg voor een terugblik, I know) heb ik namelijk leren doemdenken. En dat is iets dat ik ook graag in 2018 zou laten. Ik heb me enorm vaak opgejut door iets wat ik dacht. Piekeren is niet nieuw, dat doet iedereen wel eens. Maar ik heb me effectief laten leiden door gedachten. Ik heb me fysiek en mentaal slecht gevoeld door wat ik dacht. En dan gaat het echt om angstgevoelens over iets dat (nog) niet is.

Mijn B-12 tekort is daar zeker een oorzaak van. Dat tekort beïnvloed je gedachten en je gevoelens zoals een depressie dat ook kan doen. Ik had dus verwacht dat het doemdenken wel stilaan ging verdwijnen nu ook dat tekort verholpen is.

En ja, ik sta mentaal terug sterker om zaken om te buigen naar iets positief. Maar ik ben er nog lang niet. Ik heb soms geen controle over waar mijn gedachten naartoe gaan en de invloed die deze gedachten hebben op hoe ik mij voel. En je kent mij, ik wil graag controle. Die controledrang maakt het allemaal nog moeilijker.

Maar eigenlijk is er vaak helemaal geen link tussen je gedachten en je gevoelens. Je moet die gedachten niet zo serieus nemen. Je moet er afstand van nemen. Dat is de basis van mindfulness. Gedachten, zeker de negatieve, gaan zelden over het nu. En alleen over het nu heb je controle.

Gedachten bevatten zelfs zelden waarheid. Je maakt je zorgen over iets dat niet is en dat vaak ook nooit zal zijn. Je verliest er veel energie door die je beter in iets anders kan stoppen. Dat heb ik meermaals moeten ondervinden.

“I’m an old man and have known a great many troubles, but most of them never actually happened” – Mark Twain

Deze quote vat het allemaal mooi samen. We maken ons zo vaak zorgen om niets.

Ik denk dat ik dat ombuigen van negatieve gedachten, van die angstgevoelens, terug stap voor stap zal moeten leren. Ik herken het nu al wanneer het met mij gebeurt. Wanneer mijn gevoelens worden aangetast door gedachten die niet echt zijn. Ik kan het alleen nog niet stoppen. Herkenning is de eerste stap denk ik dan. Nu er nog voor zorgen dat dat doemdenken mij niet zo in de greep krijgt.

Hoe ik dat ga doen, geen idee, maar ik wil er wel alles aan doen.

Heeft er iemand een gouden tip voor mij?

Advertenties

Vraag maar raak

We naderen stilaan het einde van het jaar en ik was even kritisch door mijn afgelopen blogjaar aan het gaan. Ik heb best wat bij elkaar geschreven. En daar ben ik trots op. Bijna een jaar lang bleef de inspiratie komen. En nu is het eventjes op.

Ik heb nog veel reisblogjes te schrijven en stilaan komen de jaarlijkse terugblikken eraan. Maar ik wil natuurlijk nog andere content brengen ook.

Daarom dat ik het eens wil omdraaien. Waar zou jij over willen lezen? Wat wil je nog weten over mij? Kortom, wat zou je me willen vragen?

Ik ben zeer benieuwd naar jullie reacties!

Edit: twee dagen na schrijven, vloeide de inspiratie opnieuw (het bloed kruipt waar het niet gaan zeker?), maar jullie vragen zijn meer dan welkom!

 

De witte wolf

Zegt de parabel ‘the one you feed‘ je nog iets? Kort samengevat: ik zat met heel wat onrust en angstige gevoelens in mijn hoofd. Veel meer dan anders. Ik ben altijd een zeer positief persoon geweest. Zo’n ‘alles komt altijd goed’ persoon. Sorry, voor wie dit zo’n lastig zinnetje is. But it does. Het komt goed

Daar ben ik namelijk weer zelf getuige van. Die zwarte wolf is er niet zomaar gekomen. Ik heb maanden gepiekerd over waar die vandaag kwam. Want ik vond niet meteen een echte aanleiding. Een beetje druk op het werk was het enige dat ik kon bedenken. Maar of dat nu zo’n gevolgen kon hebben?

Dat mijn lichaam ondertussen stop aan het zeggen was had ik nog niet echt door. Ik ben soms geweldig goed in negeren. Tot het warm weer werd en bijna geen enkele van mijn zomerkleren nog pasten. In de andere seizoenen draag ik wijde bloesjes en strakke jeansbroeken, dat blijft vaak goed zitten. Maar mijn shortjes en rokjes vielen letterlijk op de grond. Na 10 jaar lang altijd maatje M te hebben gehad (en ik zonder nadenken in recordtempo pashokjes kon bezoeken) kon ik in de winkel ineens een S en zelfs soms een XS aan. Zonder moeite.

Toen besefte ik dat ik die parabel best letterlijk kon nemen. De zwarte wolf zat niet alleen in mijn hoofd. Hij was letterlijk aan het eten, van mijn lichaam.

En nog heb ik eigenlijk te lang gewacht met actie te ondernemen. Mijn overgevoelige sinussen en pijnlijke rug kregen uiteindelijk aandacht, want het zal dat wel weer zijn. Maar soms moet je dieper zoeken. Na weer een week fysieke problemen zette ik de stap naar een bloedonderzoek.

Het is belachelijk simpel. Mijn witte wolf heet B12. En hij heeft te weinig eten gekregen, zoals de parabel het al voorspelde. Een serieus B12-tekort veroorzaakt een uitgebreid symptomenlijstje, zo vertelt het internet mij. En mijn checklist werd in razendsnel tempo afgevinkt. Ja ook depressieve gevoelens en gewichtsverlies staan op de lijst. Samen met vermoeidheid, concentratieverlies, duizeligheid, hoofdpijn, maagproblemen en al die andere klachten die de afgelopen maanden bij mij hebben aangeklopt. En ik was zo dom om ze binnen te laten.

Het fijnste is dat ik weet dat ook het mentale gevoed werd (of net niet gevoed werd) door dit tekort. Dat ik dus nog steeds die positieve Annelies kan zijn. Dat er niets mis is met mij op dat vlak. Die angst gaat passeren. Het komt goed.

Dus hoewel ik al in mijn gedachten de witte wolf meer aan het voeden was, krijgt hij nu ook letterlijk wat extra supplementen. En ik een stamp onder mijn kont. Self-care enzo.

En jullie self-care, hoe zit het daar mee?

(f***) ik ben 25

Het is gebeurd. Vandaag is het mijn 25ste verjaardag. Gevreesd door sommigen, geliefd door velen. Ik krijg zo vaak een nostalgische zucht als mensen me vragen hoe oud ik ben. Alsof 25 de ideale leeftijd is. En misschien is het dat ook wel. Maar ik schreef al eerder een aantal posts over hoe de quarter life crisis steeds op de loer ligt en hoe moeilijk het voor onze generatie/leeftijdsgroep kan zijn om een houvast te vinden. Om te weten welk pad we moeten volgen.

En ik ga daar niet stom over doen. Ook voor is het moeilijk geweest en zal het nog moeilijk zijn. Want ik noem het misschien geen crisis, maar er is wel onrust aanwezig. Soms. En ook al weet ik diep vanbinnen dat ik het goede doe. Dat mijn keuzes oké zijn. De maatschappij is streng en de onzekerheid is groot.

Soms denk ik: Vandaag ben ik 25. Help! Ik heb geen idee wat er het komende jaar gaat gebeuren en hoe het gaat zijn. Of ik goed bezig ben. Wat mensen van me denken. Of het allemaal beter wordt.

Soms denk ik ook: Vandaag ben ik 25. So what? Ik ga echt geen seconde langer bij dit feit stilstaan. Want ik ben nog steeds dezelfde als gisteren en zal dat morgen ook zijn. Ik ga niet toegeven aan die onrust. Geen crisis voor mij. En die sociale druk kan de pot op.

De ene gedachte is de andere niet. Er is geen juist. Er is geen fout. Er is alleen dit moment. 25 of niet. Ik leef verder.

Als jullie dit lezen dan zit ik op een vliegtuig richting Malta, of misschien ben ik zelfs al het strand en de rotsige kusten aan het verkennen. Pas op het einde van de zomer op vakantie vertrekken leek een goed idee want het is goedkoper en je hebt wat aan de zomer hier. Maar ik moet zeggen dat na wekenlang zitten zweten op kantoor en al de rest van de wereld te zien genieten het nu toch wel goed is dat mijn tijd eindelijk is gekomen. Quarter life of niet. Daar ga ik nu eens kei hard van genieten sé.

Hoe ga jij om met verjaardagen?

The one you feed

Er heerst al maanden best wat onrust in mijn hoofd. Je kan het quarter life noemen, of gewoon een periode waar ik door moet. Het feit dat fysiek niet alles goed draait heeft er waarschijnlijk ook mee te maken. Maar er is onrust. Die zich bij mij vooral uit in angst: irrationele angst om mensen, huisdieren en dingen te verliezen.

Stilaan lukt het om deze angstgevoelens weg te duwen, van me af te zetten. En er is een inzicht dat me geholpen heeft. Eentje die ik tegenkwam bij Kelly. The one you feed. Het komt van een parabel maar om het kort te houden: het gaat erom dat je zelf kiest welke gevoelens je in stand houdt. Welke wolf je eten geeft dus.

Ik ben al veel te lang die zwarte angstige wolf eten aan het geven. Te weinig aan het waarderen wat er is. Ik ben de lichtpuntjes aan het vergeten. Ik geef aandacht aan wat er niet is en dat is eigenlijk te belachelijk voor worden. Want het is er niet. Het beeld dat ik in mijn hoofd heb is onbestaande. Waarom me er dan door laten opjagen?

Het heeft er allemaal mee te maken dat het laatste jaar als een roetsjbaan is voorbij gevlogen. Ik heb sinds kort op het werk eindelijk tijd om verder te denken dan de volgende week. Ik denk dat dat geleden is van vorig jaar september. Om eens wat dingen te doen die niet hyperbilleable zijn waar de klant op wacht en dat ik moet kiezen welk dringend project eerst voorrang krijgt. En dan heb je nog project huis, een nieuwe relatie, een gezondheid die niet mee wil. Ergens is het niet meer dan normaal dat die zwarte wolf rustig heeft kunnen eten. Maar overdaad schaadt, hij moet op dieet.

Dus geef ik wat meer aandacht aan die fysieke basis. En probeer ik even van de wat rustigere periode te genieten (ook al is dat best moeilijk- want hey ik wil billeable werk en kendet?). En bij elke zwarte gedachte komt the one you feed naar boven. Om die gedachte weinig of toch minder kans te geven. Stap voor stap.

Soms moet je die onrust toelaten. En aanvaarden dat die er is. Maar dat wil niet zeggen dat die onrust je leven mag overnemen. Ik heb weer heel wat bijgeleerd de laatste tijd.

Hoe ga jij om met angstige of andere zwarte gevoelens?

Het groene monster

Je kent ze wel. Die mensen met een hoge gunfactor. Mensen met veel vrienden en kennissen wiens successen door iedereen positief worden onthaald en met wie enorm wordt meegeleefd als het minder gaat. Ik heb die gunfactor blijkbaar niet. En geen zorgen dit wordt geen ‘wee mij’ post. Ik wil het vandaag hebben over iets waar ik al sinds mijn kindertijd mee te maken heb: jaloezie. Iets dat een bepaalde korte periode in mijn leven ook op mij heeft gewogen. Iets wat ik nu gelukkig kan plaatsen.

Maar ik blijf het belangrijk vinden om over die zaken te schrijven die misschien niet iedereen wil horen. En ik hoop van harte dat ik wat nu ga vertellen niet verkeerd wordt opgenomen. Een vooroordeel is snel gemaakt. Maar ik wil net de andere kant eens tonen.

Nu ik in een relatie zit besef ik dat ik eigenlijk helemaal geen jaloers persoon ben. Bij mij draait alles rond vertrouwen, zolang dat er is ga ik helemaal voor een vriendschap of liefde. Is het vertrouwen weg dan stopt het verhaal ook voor mij. Of zo is het toch nu. Ik heb ondertussen de stap gezet om niet langer energie te stoppen in mensen die het niet verdienen. En dat is de beste beslissing ooit geweest.

Ik denk niet dat ik me een dag tijdens mijn lagere schooltijd kan herinneren waarop mijn klasgenoten niet probeerden om het beter te doen dan ik. Want ik was bij de besten van de klas en als ze een puntje meer hadden op een toets smeerden ze dat maar al te graag in mijn gezicht. Punten konden mij eigenlijk niet schelen. Ik wou het goed doen voor mezelf en was vooral blij wanneer ik kon vertrekken naar het middelbaar. Want ik was vroeger dan anderen klaar met mijn kindertijd.

Daar werd het eigenlijk alleen maar erger. Ik deed Latijn en dus werd ik automatisch in een bepaald hokje geplaatst door de andere klassen, maar ook binnen de richting (vooral tijdens de eerste 2 jaren) vonden mensen het niet leuk als ik hogere punten had dan hen. Opnieuw: ik was daar niet mee bezig. Ja, ik vond het leuk om goed te scoren. Maar ik heb 6 jaar Latijn gedaan omdat ik het echt interessant vond (en ja ik besef dat veel Latinisten dat zeggen ter verdediging van het feit dat het eigenlijk een dode taal is. Maar wat maakt dat eigenlijk uit? Laat iedereen eens gewoon studeren wat hij/zij wil), niet omdat het zogezegd een hogere standaard met zich mee bracht. Ik vind sowieso dat de mentaliteit binnen Latijn allesbehalve volwassen was bij sommigen. Het was een en al streverij en fakeheid en sorry maar daar deed ik niet aan mee. Ik leerde de lessen en legde examen af en mocht steeds naar het volgende jaar. Dat was het voor mij.

In het derde middelbaar kwam ik in een klein klasje terecht waar dat tegen elkaar op boksen niet meer van tel was en ik ook effectief klasgenoten hielp met de vakken, want we wilden allemaal samen afstuderen. En dat is gelukt. En ja we zaten vaak samen met andere klassen en dan werden we vreemd bekeken, maar ik had even weinig interesse in die mensen als zij in mij.

Tot nu toe had al die jaloezie weinig effect op mij. Het ging over zoiets stom als punten… Maar wanneer ik naar de universiteit vertrok veranderde dat. Niet zozeer dat er binnen de richting problemen waren. In tegendeel: Communicatiewetenschappen is geen richting van ‘stoefers’. Het is juist heel chill tussen studenten en dat was een echte verademing. Iedereen is bezig met zichzelf en met slagen, of dat nu in eerste of tweede zit is, met een 10 of een 16, maakt niet uit. Je helpt elkaar erdoor. Dus dat zat goed.

Maar vroegere (school)vriendinnen kwamen in de problemen en hadden in het eerste jaar moeite met slagen, in totaal andere studierichtingen weliswaar. Terwijl ik van een lange vakantie kon genieten moesten zij studeren in augustus. En toen begon de jaloezie echt uit de hand te lopen. De stille verwijten waren een feit. Dat mijn richting minder moeilijk zou zijn, dat ik niet moest studeren, of dat ik net te hard mijn best doe en een strever ben (echt consistent waren ze niet in hun verwijten ^^). En de meest hatelijkste: dat het voor mij allemaal makkelijker is dan voor hen.

Ik verloor vriendinnen. Ik kon hun vooroordelen niet meer verdragen. Ik sloot gelukkig wel nieuwe vriendschappen maar daar durfde ik niet mezelf bij zijn. Ik durfde niet zeggen dat ik schrik had voor een examen (want als ik er dan door was zouden ze vinden dat ik had overdreven). Dat ik het belangrijk vond om goede punten te halen (want mijn ouders betaalden tenslotte het studiegeld en de boeken..). Zeggen dat je met een 10 niet tevreden bent was wel echt not done. Dus dat zei ik niet. Ik liet niemand proactief weten hoe het met mijn punten gesteld was en of ik geslaagd was. Ook al vroeg iedereen er achter. En als ik al iets zei was het enkel ‘geslaagd’. No way dat ik punten ging meegeven.

Opnieuw: er zijn uitzonderingen. Mijn studievriendinnen van toen (die dezelfde vakken hadden en ook goed wilden scoren) en de vrienden die nog steeds mijn vrienden zijn (met rede dus) daar kon ik het wel aan zeggen, mezelf bij zijn. Maar ook daar had je een uitzondering. Eentje die ik tijdens de eerste twee bachelorjaren enorm geholpen had, ook in augustus, en die me dan, eens ze doorhad dat we een andere master zouden gaan studeren, kei hard liet vallen. (Het duiveltje op mijn schouder denkt soms dat als ik het zou kunnen ik mijn hulp terug zou intrekken en haar diploma dan misschien geen feit zou zijn. Ik ben ook maar een mens jongens en dit was een heel groot mes dat nog steeds in mijn rug steekt. Hopen op excuses doe ik al lang niet meer, maar dat heb ik wel lang gedaan).

Enfin het komt er op neer dat wanneer ik mijn eerste diploma, bachelor Communicatiewetenschappen, met grote onderscheiding behaalde ik daar eigenlijk niet blij om kon en durfde zijn. Na 3 jaar hard werken. Dat is waanzinnig besef ik nu. Maar het was wel zo.

Ik weet dat mensen (nog altijd) denken dat het allemaal gemakkelijk geweest moet zijn voor mij. Dat ik een jaar klierkoorts had en toen in volle examenperiode ben ingestort omdat ik me niet langer dan een kwartier kon concentreren op mijn boeken dat herinnert niemand zich. Dat ik eens een examen heb afgelegd terwijl alles in mijn hoofd duizelde. Van uitputting, stress of fysieke klachten – ik weet het nog altijd niet. Maar dat mijn benen trilden toen ik mijn blad afgaf en ik buiten de aula onmiddellijk op de grond moest gaan zitten van de zwarte plekken voor mijn ogen dat weet ik nog wel. En dat ik toen dacht: ‘Awel ja, als ik nu buis dan heeft iedereen ten minste wat hij wil’. En toch buisde ik niet want ik had wel degelijk gestudeerd voor dat vak, hoe ziek ik ook was. En sorry maar dat is enkel en alleen mijn eigen verdienste geweest, nah!

Ondertussen zijn we enkele jaren verder en gelukkig is de wereld best wel veranderd. Tegenwoordig is perfectionisme en het goed willen doen iets positiefs. Ook van de vrienden die zijn overgebleven weet ik gewoon dat ze me nemen zoals ik ben. Ja ik heb een nerdie streverige perfectionistische kant. Maar ik heb ook een andere kant. Ik gebruik mijn ‘intelligentie’ (hatelijk woord want het klinkt zo zelfingenomen, zie ik ben mezelf weer aan het verdedigen…) om anderen te helpen. Ik heb zowel in de lagere school, als in het middelbaar als op de unief vriendinnen geholpen met vakken. Notities delen, oefeningen samen maken, zaken uitleggen. Wanneer ze het maar vroegen. Soms ook wanneer ze het niet vroegen maar ik wist dat ze het nodig hadden. Soms ook in augustus terwijl ik eigenlijk vakantie had. Mijn doel was en is nog altijd bij eender welke samenwerking: samen de finish halen. En ja je wilt graag een goede tijd neerzetten, maar eigenlijk is die tijd bijzaak.

Als ik dan jaren later een dankjewel krijg van een oude studievriendin omdat ik haar ooit geholpen heb met een herexamen, terwijl ik dat eigenlijk al was vergeten, dan weet ik dat ik het juiste heb gedaan. Hoe moeilijk het ook was. Ik ben niet in de fout gedaan. Er is niets mis met het goed willen doen. Met ergens hard voor te werken. Het is fout van anderen om te denken dat ik dat cadeau heb gekregen. Om jaloers te zijn of wat ik heb (bereikt).

Ik moet mij niet slecht voelen als anderen zo nodig jaloers willen zijn op mij. Ik ben hier niet de slechterik. Ik help anderen, zo veel als ik kan. Nog steeds trouwens. Zij zijn degenen die aan de zijlijn commentaar staan te geven en dat is the easy road. Zij zijn fout. En toch heb ik daar een kleine twee jaar mee geworsteld. Ik voelde mij slecht terwijl zij hun eigen ego konden vergroten door mij naar beneden te halen.

Ik weet dat ik niet de enige ben die dit gevoel ooit gehad zal hebben. Dus lieve lezer. Laat jou nooit maar ook echt nooit naar beneden halen door dit soort mensen. Die mensen kunnen jou alleen maar naar beneden halen omdat ze zelf al beneden staan. En dat is niet de richting die jij wil uitgaan.

Werk hard voor je dromen, doe altijd je best en vooral help elkaar. Of zoals de mama zegt tegen Cinderella in de gelijknamige Disneyfilm (de live actionversie trouwens, zie nerdie, ik zei het toch): Have courage and be kind.

Oké dit was een lang verhaal! En voor mij moeilijk om te brengen. Mensen die door het leven lijken te fietsen krijgen nu eenmaal veel commentaar. En het is not done om daar dan iets van te zeggen blijkbaar, want wat heb ik te klagen? Maar ik wou dit toch vertellen. Any thoughts?

Lichtpuntjes #8

Het is belangrijk om dankbaar te zijn voor die kleine alledaagse dingen die je blij maken. De lichtpuntjes die je door donkere of moeilijke periodes helpen, maar eigenlijk zijn er elke dag kleinere blijmakers om even dankbaar voor te zijn. Nu de lente wel echt aanwezig is vliegen de lichtpuntjes me om de oren. Inspiratie genoeg voor een nieuw lijstje dus.

  • Supporteren voor de collega’s op een ijskoude editie van de 100km tegen kanker. Met het werk zijn we aan 2500 euro geraakt en dan is het extra mooi om te zien hoe hard onze lopers ervan genoten hebben. En ja mijn tenen waren er afgevroren, maar toch supertrots!
  • Een week later was er een heerlijk lentezonnetje en stond er net een dagje Brussel gepland. Perfecte timing! Mooie plekjes verkend, een heerlijke lunch en een interessante tentoonstelling over Pompeii (al waren de verwachtingen iets hoger). Heerlijk bijpraten, over kleine dingen, over heel serieuze dingen, dat ook.

thumb_P1110287_1024

  • Januari, februari en maart zijn nooit mijn maanden. Zeker in maart sleep ik me richting paaseitjes. 1 april verwelkomen was dan ook een opsteker. Flauwe moppen of niet. Het was lente en er was koers. Ik werd er meteen beter van. Vreemd hoe mentaal zoiets kan zijn.
  • Een citytripje naar Lissabon. Mooie uitzichtpuntjes, kastelen, paleizen, leuke straatjes, regen terwijl het in België super goed weer was, te heet wanneer je je valies een superhoge berg moet opsleuren. Het was heerlijk. Nee echt.
  • Mooi weer in België, eindelijk die zomerkledij weer boven halen. Minpuntje: ik heb geen zomerschoenen meer en ik haat schoenen shoppen. Ja dat soort vrouwen bestaan.

IMG_20180428_151937.jpg

  • Een prachtige trip naar Glasgow. Een stad die perfect is voor 2 à 3 daagjes weg, maar wij waren er iets langer en hadden dus ook tijd om te chillen (en de Waterstones leeg te kopen ^^). En een mooie eerste kennismaking met de prachtige highlands via een dagje Tyndrum.
  • Een weekendje naar zee. Om gewoon echt niets te doen. Behalve rondslenteren en eten. En uitslapen. Mijn actieve vakanties had ik net gehad en ik was doodop dus dit was ideaal.
  • Het lief dat al 5 maanden mijn lief is. Ja, dit is een aankondiging!
  • Mijn dansoptreden. Voor het eerst 10 dansen. Voor het eerst niet geslapen de nacht ervoor. Maar hey, het ging best goed. En het was leuk. En mijn lichaam doet al een hele week pijn. Zo moet dat.
  • De verjaardag van het lief uitgebreid vieren. Met een cliché romantische date. Met lekker eten. Alweer in het zonnetje.

Het waren dus best een aantal zalige weken! Hoe gaat het met jou?