Over mijn angsten en trappen met gaten

In een ver ver verleden ergens in 2018 vroeg Evi mij wat mijn grootste angsten zijn. Toevallig eentje waar ik de laatste tijd wel wat mee in mijn hoofd zit. Want ik ben nu veel angstiger dan vroeger als kind of puber. En al mijn angsten kunnen ook geklasseerd worden onder hetzelfde probleem: mijn controledrang.

Ik kan me ontzettend opwinden, zorgen maken of piekeren over zaken die ik niet kan controleren. Beslissingen die door iemand anders worden gemaakt, hoe mensen naar mij of anderen kijken, ziektes en de dood. Op slechte dagen kan dat zelfs het weer zijn. Allemaal zaken die een impact op het leven kunnen hebben, maar waar je zelf geen invloed over hebt. De zelfhulpliteratuur is dan duidelijk: je moet dat loslaten. Maar dat is een pak makkelijker gezegd dan gedaan natuurlijk.

Mijn grootste angst is dus dat mijn geliefden van mij worden weggenomen. Letterlijk door overlijden, maar ook doordat ze mij niet meer graag zien en dus maar uit mijn leven verdwijnen. Dat klinkt heel serieus en dat is het soms ook. Eens ik in een doemdenkspiraal zit is het heel moeilijk om daar meteen weer uit te raken.

Er is dat mooie gezegde dat mensen zich hun leven lang zorgen maken om zaken die nooit gebeuren. En ik probeer dat zo veel mogelijk voor ogen te houden. Ik denk – en hoop – dat ik naarmate ik ouder word ook wel echt beter ga worden in dingen loslaten.

Op een lager niveau heb ik natuurlijk ook wat banale angsten. Ik heb diepte- of valvrees. Niet te verwarren met hoogtevrees. Zet mij op een hoge betonnen toren die stevig staat en ik heb geen bang. Zet mij op een trapladder van ochgot 1,5m en ik schreeuw het uit. Alles wat wiebelt of schommelt, eikes! Met #projecthuis en een hoeveelheid aan stellingen en ladders is dat momenteel geen evidente.

En dan heb je nog trappen waar je kan doorkijken. Meestal zo van die ijzeren treden met gaten in. En als Satan het helemaal op mij gericht heeft dan zijn het ijzeren draaitrappen met gaten, waardoor onder elke trap alleen maar een afgrond te zien is. St-Pauls Cathedral in Londen was de max! Maar daar heb ik het echt bijna uitgeschreeuwd op die laatste draaitrappen. Naar boven lukt dan nog met veel geduld en doorzettingsvermogen. Maar naar beneden, dat is echt de hel.

Oh en glazen liften, of überhaupt liften, daar ben ik niet zo zot van. Ik stap alleen in liften die ik ken, die van het werk of het lief bv. En liften waar ik zeker van ben dat ze stevig zijn of waar snel hulp kan verleend worden bv. een lift in het ziekenhuis. Een glazen lift met dus ook een glazen vloer is met ogen toe naar boven en alleen als het echt niet anders kan. Hoe hard ik trappen ook haat en altijd vuurrood en uitgeput boven kom. Het is soms nog altijd beter dan het risico nemen om vast te zitten in een lift.

Een laatste ding waar ik niet zo zot van ben zijn grote mensenmassa’s. En zeker grote mensenmassa’s die stilstaan als ze eigenlijk vooruit moeten gaan. Om die reden zal ik altijd voor zitplaatsen kiezen op een concert en ga ik amper naar festivals. Ik stap ook niet op een overvolle trein waar mensen Twister op moeten spelen. Ik wacht echt regelmatig op de volgende, tenzij het opnieuw niet anders kan. Ik krijg het dan heel warm en moet mezelf echt tot kalmte aanmanen. Ik ben al een paar keer heel duizelig geworden op een overvolle warme trein, voornamelijk in België, want ja het Belgische treinsysteem zuigt enorm hard. Die ervaringen helpen niet echt om deze angst te relativeren. In de Londense metro heb ik dan weer minder dat benauwend gevoel omdat daar de metro om de twee minuten stopt en ik dus altijd naar buiten kan.

Ik zit, zoals je ondertussen wel door hebt, niet graag vast zonder controle. Haha, altijd die controledrang weer ^^. Ik ben dan wel weer niet iemand die schrik heeft van spinnen of andere vieze beesten zoals slangen ofzo. Ze moeten gewoon niet per se op mij komen zitten weet je wel? Maar ik zal het niet uitroepen als er ineens een spin in de kamer over de vloer loopt. Ik ben vrij zeker dat die mij niet gaat opeten namelijk. En ik heb er ook controle over hoe dicht ik zo’n beest bij mij laat komen ;).

Wat zijn jullie grote of kleine angsten?

Advertenties

Van de bucket list #1: mijn eerste roadtrip

In juli trok ik samen met het lief 7 dagen richting Roemenië en trokken we ook 5 dagen rond met de auto. Een soort mini-roadtrip en laat dat nu net iets zijn dat al heel lang op mijn wensenlijstje stond. Want met de auto heb je zoveel vrijheid en zie je meer, aldus mijn beeld van zo’n roadtrip. Droombestemmingen voor roadtrips zijn in mijn geval: Schotland, Cornwall, Wales, The Cotswolds (enfin heel de UK eigenlijk), Scandinavië, Andalusië, Slovenië en ga zo maar verder.

Maar is het nu wel iets voor mij om rond te trekken met de auto? Tijd voor bezinning, in een lijstje met bullet points (ow yes, mijn J komt helemaal los – de MBTI-fans snappen wat ik bedoel ;)).

De voorbereiding en het autorijden zelf:

  • Ik heb op alle vlakken nood aan zekerheid en wil zoveel mogelijk zorgen op voorhand uitschakelen. We namen dus een volledige verzekering waardoor we geen extra kosten zouden hebben mocht er iets gebeuren. In Roemenië is dit nog altijd spotgoedkoop (25 euro pp per dag), maar ik besef dat in andere landen het kostenplaatje daardoor kan oplopen. Toch is dit voor mij een must voor meer rust in mijn hoofd. En dat is toch de bedoeling van een vakantie.
  • Je krijgt eigenlijk altijd een ‘or similar’. Bij zowat elk autoverhuurbedrijf kan je op ieder moment van de dag elke auto huren die je maar wil. In praktijk is dit uiteraard niet haalbaar en geven ze je een auto van dezelfde prijsklasse of hoger (zoals in ons geval, we kregen een ruimer exemplaar). We hebben zelfs het automerk dat we hadden geboekt helemaal niet gespot, terwijl we toch wel heel wat auto’s hebben zien passeren. Uiteindelijk kroop ik in een spiksplinternieuwe Seat Aruna, wat best een leuke auto bleek.
IMG_8341.jpg

Jep we kregen een felrood exemplaar en net op die dag had ik mijn felrood kleedje aan.

  • Ik heb even wat tijd nodig om te wennen en zekerheid op te bouwen. Ik ben een vrij goede chauffeur, maar ook eentje die erg hard op gewoonte rijd. Een nieuwe auto en nieuwe plekken zorgen er toch wel voor dat ik meer mentale inspanningen moet leveren en ik word er best moe van. Dat wist ik op voorhand en dus hadden we onze ritten goed gepland. Uiteindelijk is het langste dat we op een dag reden 4,5 uur met een korte pauze tussendoor.
  • Achteraf gezien bleek dat we de moeilijkste route gepland hadden op de eerste dag, wanneer ik nog aan het wennen was aan de auto. Dat zorgde ervoor dat ik aan het einde van die dag wel echt even genoeg had van die auto (inclusief de nodige tranen). Ik was eigenlijk overprikkeld door én de nieuwe auto én de route én dan nog eens gedoe met parking als we eindelijk op onze bestemming waren.

Parkeren

  • Parking zoeken was op voorhand iets waar ik me wat druk om maakte in het door auto’s gedomineerde Roemenië, maar uiteindelijk vonden we altijd heel snel een plaatsje. Voornamelijk omdat we nooit tot voor de deur van het hotel reden, maar al goed op voorhand rond keken en dan maar iets langer moesten stappen. En met iets langer bedoel ik maximum 5 minuten. Dat kunnen we best aan.
  • Uitzoeken of de parking betalend was bleek wel een hele opgave. Op één plek was er een betaalautomaat met enkel muntjes, alleen zijn de muntjes in Roemeense lei minder waard dan een halve euro. En dus had je gemiddeld zo’n 30 muntjes nodig voor een paar uur parking. Een sms sturen kon ook, maar enkel vanaf een Roemeense provider… Uiteindelijk werden we geholpen door het hotel. Op een andere slaapplaats kregen we letterlijk ‘maybe you pay tomorrow’ als antwoord en hebben we dus niet betaald. Er lag de volgende dag ook geen briefje onder de ruit.

De nadelen

  • Elke dag met koffers sleuren is niet mijn ding. Ik haat dat echt enorm. Nu klink ik nogal verwend, maar voor mij is dat fysiek gewoon vrij zwaar (mijn koffer was 1/5 van mijn lichaamsgewicht + een rugzak). First world problems I know, maar je gebruikt tijdens die ene nacht maar 5% van je koffer dus daar wil ik de volgende keer iets op vinden. Hebben jullie tips? Nemen jullie de nodige kleren uit de koffer in een rugzak mee ofzo?
  • Elke nacht ergens anders slapen is ook een andere ervaring dan elke nacht op dezelfde plek zoals ik gewoon ben. Voor Roemenië bleek dit uiteindelijk wel een goede keuze omdat je na één dag het op de meeste plekken wel gezien had, maar ik zou het ook wel fijn vinden om 2-3 nachten ergens te slapen en dan met de auto uitstapjes te doen. Gewoon omdat ik het ook wel leuk vind om een soort ‘thuis’ te hebben op vakantie. Maar dat hangt heel erg af van de route en dat was hier wat moeilijker.
  • Het lief heeft geen rijbewijs en dus leg ik onnodig extra druk op mezelf, want ik ben degene die ons veilig op een bestemming moet krijgen -of ik er nu zin in heb of niet. Onbewust was dat een extra stressor die er niet zou zijn mocht mijn reisgezelschap kunnen overnemen indien nodig. Is trouwens een puur mentale stressor want door de niet zo lange ritten was het absoluut niet nodig om af te wisselen (en je betaalt natuurlijk meer voor een tweede chauffeur). Voor een langere trip met meer uren in de auto zou het wel handig zijn om met twee chauffeurs te zijn.

De voordelen

  • De flexibiliteit! We hadden enkel slaapplaatsen geboekt en wisten dus dat we ergens in de loop van de dag van locatie moesten veranderen, maar verder waren we totaal vrij om te kiezen hoeveel tijd we ergens spendeerden en of we tussenstops maakten of niet. Je verliest absoluut minder tijd dan wanneer je met het openbaar vervoer zou reizen en kan langer blijven op leuke plekken, wat dan weer niet zo is bij een georganiseerde reis in groep bv.
IMG_20190720_104134

Het landschap nabij Viscri, een plek waar we zonder auto zeker nooit geraakt zouden zijn.

  • We hebben ook een keer ons plan wat omgegooid en een extra tussenstop ingelast, waardoor we ook een rustigere route (en niet de kortste) namen. Op die manier reden we door kleine dorpjes en het platteland. Heel fijn!
  • Je ziet gewoon veel meer van een land dan wanneer je enkel en alleen in een grote stad verblijft.
  • Doordat we elke dag ergens anders sliepen konden we een rondje maken en verloren we geen tijd met heen en terug te rijden naar dezelfde bestemming. Dat heb je natuurlijk wel wanneer je een bepaalde plek als uitvalsbasis zou gebruiken.

Long story short, deze roadtrip was een hele ervaring die al lang op mijn lijsje stond en waar ik zeker van genoten heb. Ik wil absoluut nog eens op roadtrip, alleen al voor de flexibiliteit. Maar ik zal altijd wat tijd nodig hebben om te wennen en een goede voorbereiding is daarbij cruciaal. Gelukkig ben ik een planner pur sang ;). 

Ben jij al eens op roadtrip geweest?

Even

  • Even drie dagen tegen de limiet doorgewerkt aan #projecthuis.
  • Even de vage toekomst laten voorgaan op een fijn weekend.
  • Even geen tijd om te bloggen, lezen of in de zon te zitten met vriendinnen.
  • Even geen zin in jullie leuke Instagram Stories van terrasjes en BBQ’s.
  • Even te weinig energie en te veel rode vlaggetjes.
  • Even helemaal geen tijd voor groene vlaggetjes.
  • Even alleen maar slapen.

IMG_20190601_181139

  • Even heel veel schrik dat ik over de grens zou gaan richting een crash.
  • Even puffen want het was meer dan warm genoeg om door te werken.
  • Even doorbijten en proberen blij te zijn met het resultaat. Want er is echt wel hard gewerkt.
  • Even balen bij de start van een nieuwe werkweek. Want wanneer kan ik nu eigenlijk rusten?
  • Even op adem komen en dromen van betere tijden.
  • Even gewoon zondag.

Er staan echt wel nog meer berichtjes in concepten hoor, maar ik wou jullie even (pun intended ja!) een korte update geven in de vorm van dit lijstje ;).

Hoe was jullie weekend?

Dit zijn mijn groene vlaggetjes

Eerder vertelde ik jullie al over mijn rode vlaggetjes, oftewel de symptomen die optreden wanneer er stress is in mijn leven. Gelukkig zijn er ook heel wat zaken waar ik me goed bij voel. Wat neemt mijn stress juist weg?

  • Op tijd gaan slapen. Er is niets dat een slechte dag zo goed relativeert als slaap.
  • Schrijven. Als het op papier of op deze blog staat is het uit mijn hoofd en dat doet zo’n deugd soms.
  • Lezen. Of dit nu een boek of een magazine is. Lezen maakt me meestal rustig. Als ik me niet kan concentreren op een boek is het echt slecht met me gesteld.
  • Knuffelen met mijn katten (wetenschappelijk bewezen dat dit de bloeddruk doet verlagen). Of ja, als die niet in de buurt zijn dan maar met het lief ;).
  • Die smartphone wegleggen. Nog steeds een heel groot werkpuntje!
  • De verkregen offline tijd invullen met rustige activiteiten zoals puzzelen, kleuren, fotoboeken maken en kruiswoordraadsels invullen. Deze zaken komen er veel te weinig van.
  • Uitjes met vrienden. Restaurantavondjes, of gewoon thuis op de bank en uren praten over ditjes en datjes.
  • Muziek luisteren. Doe ik veel minder dan vroeger en probeer ik nu wat in mijn routine te krijgen terug. Meeschreeuwen, dansen… zalig toch!
  • Wandelen. Buiten zijn in de natuur en gewoon je voeten volgen.
  • Dansen, in de dansles dan. Al moet ik me er soms naartoe slepen. Eens ik er ben, heb ik daar nooit spijt van.
  • Naar de wellness gaan. En dan bedoel ik echt zoals het moet: naakt (want eik bacteriën tussen je huid en zwemkledij) en in de sauna zitten ook effectief. Afvalstoffen uitscheiden en je lichaam eens even goed laten vechten tegen al het slechte. Ik maak er het laatste jaar veel minder tijd voor. Ben nog geen enkele winter zo vaak ziek geweest als deze winter… Toeval? Misschien (niet).
  • Gezelschapsspelletjes spelen. Dit doe ik veel te weinig. Het lief is niet zo verzot op boardgames en met vrienden doen we dat zo vaak als het kan. Maar iedereen heeft zijn leven hé.
  • Nieuwe impressies op doen. Dat kan op reis. Maar eigenlijk is naar een museum gaan al goed genoeg. Tegenwoordig zijn kunstmusea grote favoriet. En kunst vind je natuurlijk ook op straat. En is zo ook combineerbaar met het wandelen ;).
  • Koers kijken. Het is de schoonste bijzaak ter wereld.
  • Soms kunnen series kijken ook zorgen voor ontspanning. Maar ik merk dat in gestresseerde periodes het moeilijk is om me helemaal te verliezen in een serie. Dan grijp ik te vaak naar de smartphone tijdens het kijken. Dus deze is wat dubbel.

Wat zijn jouw groene vlaggetjes?

 

Dit zijn mijn rode vlaggetjes

Deze week staat mei voor de deur. Hoe belachelijk snel gaat het jaar voorbij zeg? Dit jaar valt mijn dansoptreden op 24 en 25 mei. En dus trok die datum mijn aandacht want er hangen heel wat herinneringen aan vast. Vorig jaar was 25 mei de GDPR-deadline. 25 mei was toen ook de vrijdag voor ons teambuildingsweekend met het werk waar iedereen naar uitkeek. Het was pokkewarm. Een collega had een taart gebakken voor mij met de boodschap ‘I agree’. En ik? Ik zat er compleet door.

Ik had er een hele tijd alleen voor gestaan en de drukte was overweldigend. Zeker de twee weken voor GDPR kon ik met niets anders meer bezig zijn en er wachtte nog zo’n berg werk – mijn echt werk namelijk. Mijn lichaam zat ondertussen te kreunen onder een nijpend B-12 tekort en mentaal was mijn hoofd één grote puinhoop. Ik was terecht gekomen in een doemdenkspiraal.

Ik wil al even een postje schrijven over hoe het nu met mij gaat na de B-12 diagnose en heel wat ingrepen om het rustiger aan te doen. Nee, ik heb geen burnout gehad. Ik kan me zelfs niet inbeelden hoe hard dat moet zijn. Ik was er op tijd bij. Maar ik weet dat ik in de gevarenzone ben geweest, lichtjes. En ik weet dat ik een persoonlijkheid heb die sowieso in de gevarenzone zit.

Maar nogmaals: ik wil hier geen klaagzang houden over hoe moeilijk het was. Want again, ik heb tijdig ingegrepen en daar ben ik nog elke dag dankbaar voor.

Daarom is het belangrijk om te weten wat mijn valkuilen zijn. Wat zijn mijn stresssymptomen? Leen noemt het rode vlaggetjes, en dat vind ik best wel een goede terminologie. Want uiteindelijk draait het daarom: ik liep vorig jaar rond deze tijd rond met een berg stress in mijn hoofd en mijn lijf. En het is naïef om te geloven dat dat nu voorbij is. Dat het ooit volledig uit mijn leven zal verdwijnen.

Dit zijn mijn rode vlaggetjes. Van lichte symptomen tot de vrij serieuze.

  • Mijn nek die vast zit.
  • Vaker hoofdpijn hebben.
  • Vermoeide en pijnlijke ogen. Veel last hebben van (fel) licht.
  • Veel piekeren. Dit leidt meestal tot doemdenken.
  • Mezelf de grond in praten.
  • Wenen zonder reden.
  • Moe opstaan, ook na een nacht van 8u slaap.
  • Tintelende/slapende lichaamsdelen.
  • Het gevoel hebben de controle te verliezen.

  • Geen regelmatige stoelgang.
  • Weinig concentratie op het werk. Ook wanneer het om een taak gaat die ik graag doe. Iedereen is wel eens niet geconcentreerd (op vrijdagnamiddag bijvoorbeeld), maar geloof mij, echt nul concentratie is nog een heel ander gevoel. Je ziet dat ook aan het resultaat van je taak. Dat is meestal niet zo goed.
  • Duizeligheid wanneer ik ’s morgens opsta of ’s nachts wakker word en me omdraai. Vaak maar langs één kant. De kant waar mijn nek vastzit of net de andere kant die alles opvangt. Uit zich in extreme periodes ook in het feit dat ik als de trein vertrekt het perron zie duizelen voor me. Heel raar gevoel.
  • Niet kunnen eten. Geen hongergevoel. Eten uit gewoonte en mijn bord niet leeg krijgen. Niet constant in mijn chocolaschuif zitten.
  • Afvallen. Een logisch gevolg van het vorige puntje.

De aandachtige lezer zal de lijn hebben opgemerkt. Wel alles onder de streep (lees: de meer serieuze zaken) heb ik de afgelopen maanden onder controle gekregen. Met B-12 supplementen. Deze winter aangevuld met vitamine D en magnesium. Dan zie je dat ik fysiek weer de controle terug krijg. Met de bovenste puntjes worstel ik soms nog. Dit zijn ook vooral de mentale puntjes.

Want stress volledig uit je leven bannen is moeilijk. En de winter zorgt bij mij sowieso voor mentaal moeilijkere momentjes (veel piekeren, wenen, hoofdpijn, moe…). Klinkt nog altijd niet fijn, en dat is ook zo. Maar ik heb voor mijn gevoel al best een grote vooruitgang gemaakt. Niet langer roofbouw plegen op mijn lichaam. Mentaal is er zeker en vast nog werk aan de winkel. Het herkennen van rode vlaggetjes is maar de eerste stap. Maar het is wel een belangrijke stap.

Het doel is dan ook om nog meer te focussen op mijn groene vlaggetjes en op wat mij energie geeft. Maar dat is voor een volgende keer.

Wat zijn jouw rode vlaggetjes?

8 willekeurige feitjes over mij

Onder het motto het moeten niet altijd diepzinnige posts zijn vol inzichten om mij wat beter te leren kennen deel ik vandaag acht random dingen over mezelf. Gratis en voor niks, jawel. Feitje nummer 7 geloof je nooit. 😀

  • Ik eet elke dag chocola en ik merk – zonder zever – een effect als ik dat niet doe. Op vakantie is die chocola niet altijd vanzelfsprekend en dan ontstaat er na een aantal dagen een ontzettende drang naar chocola waardoor ik chagrijnig word als die onvervuld blijft. Er zijn ergere verslavingen waarschijnlijk, maar zonder mijn dagelijkse cacaoshot kan ik echt niet.
  • Ik was als kind altijd een moeilijke eter, maar heb de laatste jaren een serieuze inhaalbeweging gedaan. Het resulteert alleen nog in het feit dat ik absoluut geen vis eet. En nee ook geen schaaldieren. Ik lijd dus meestal wat langer honger op etentjes aangezien de hapjes en het voorgerecht vaak met vis zijn. Waardoor ik ook altijd veel medeleven voel met mensen die om andere reden bepaalde zaken niet eten bv. een allergie of een veggie/vegan levensstijl.
  • Ik heb eigenlijk een grondige hekel aan sociale media en was er ook heel laat bij met Facebook, Instagram en aanverwanten. Facebook maakte ik aan omdat er op de unief te veel groepswerken waren die daar werden besproken. Als online marketeer moet ik daarnaast wel de nodige accounts in stand houden om mijn werk te kunnen doen. En er is mijn blogpagina natuurlijk. Maar als ik echt kon kiezen mochten ze dat afschaffen.
  • Ik haat het om materialistische dingen te kopen. Aka ik ben geen shopping queen. Niet alleen kledij, schoenen, handtassen, maar ook gsm’s en andere praktische zaken. Minimalisme is al mijn levensstijl van in de vroege jaren 2000 (eat that hipsters) en ja dan loop ik soms rond in schoenen die eigenlijk kapot zijn of te grote broeken omdat ik wat ben afgevallen. Zolang ik maar niet naar de winkel moet.
  • In dezelfde categorie heb ik nog een grotere hekel aan de supermarkt. Hoe altijd alles van plaats verandert, mensen die met hun kar in de weg staan, jengelende kinderen, het hoogste schap waar je net niet aan kan, mensen met te veel klein geld aan de kassa, jengelende kinderen… Ik wil hier weg.
  • Ik heb niets met sporten die je alleen en op eigen initiatief moet gaan doen. Zoals lopen of fietsen. Naast saai, is het moeilijk om me te motiveren na een lange dag en dus stel ik het uit met de gedachte dat het morgen ook nog kan. Maar dat dan elke dag. Samengevat: ik ben nogal lui en blijf graag in de zetel liggen. Daarom heb ik een soort sociale druk nodig om op een vast tijdstip per week naar een groepsles te gaan. Vandaar dat mijn danslessen en de zumba zo goed werken. Ik heb even weinig zin om die sportkleren aan te trekken en die zetel uit te komen, maar anders ben ik niet meer mee met de pasjes dus ja, ik moet wel.
  • Ik ben nogal direct in de omgang. Ik zeg wat ik denk.Maar ik heb daar vaak wel zeer grondig over nagedacht. Het is dus niet zo dat ik er zaken uitflap. Ik denk gewoon zo hard na over de inhoud, dat ik vergeet aandacht te besteden aan de vorm. En dus kan ik al eens fel of bot overkomen. Maar nooit zonder dat wat ik zeg ook op iets slaat. Waardoor ik er vaak mee weg kom. En mijn naaste omgeving dit aan mij apprecieert. Maar iemand die mij niet kent die kan soms raar opkijken. Sorry not sorry.
  • Ik heb zodus een hekel aan smalltalk. Vooral aan de telefoon. Mensen bellen jou met een reden, dus maak maar direct je punt. In mijn job heb ik leren smalltalken aan de telefoon en tijdens meetings. Maar ik heb het niet zo graag over hond van de tante van de ex-vriendin van je schoonbroer. Dat boeit me helemaal niet. Geef mij maar diepgaande gesprekken die echt over iets gaan.

Herkenbare puntjes? Of helemaal niet?

Hoe zit dat nu eigenlijk met #projecthuis?

Ik heb er al vaak naar gehint via de hashtag #projecthuis. Maar ik besefte onlangs dat ik het daar eigenlijk nog nooit echt over heb gehad. Ik ben dan misschien wel een pak persoonlijker gaan bloggen en jullie krijgen best vaak een inkijk in mijn gedachten (al dan niet vrijwillig :D). Bloggen over waar ik ga wonen vind ik toch wel heel persoonlijk. Misschien vandaar.

Maar dus: ja, ik ga alleen wonen. Alleen is het geen standaard bouwproject waardoor ik over een jaar aan het verhuizen ben. En dus krijg ik ook vanuit mijn omgeving best wel veel vragen, en vaak dezelfde, die ik nu in heuse FAQ-stijl wil beantwoorden. Zo zijn jullie meteen helemaal mee.

Wanneer ga je verhuizen?

De meest gestelde vraag van het afgelopen jaar. Maar om het antwoord te begrijpen moet je snappen dat dit geen standaard bouwproject is. Wij (ik praat niet graag over ik, wij is hier wel degelijk ik, maar ik zeg liever wij, lalala) werken namelijk niet met een aannemer of zijn niet in een woonproject gestapt. We gaan eigenlijk alles zelf doen, zoals dat dan heet.

Wat niet wil zeggen dat we echt alles zelf gaan doen. We doen beroep op een architect, metser, elektricien, verwarmingsfirma etc. Alleen is er geen tussenpersoon, geen aannemer. En gaan we ook zelf wel actief meehelpen met metsen, het dak leggen, vloerverwarming installeren… Stap voor stap dus.

Dit zorgt er uiteraard voor dat er misschien wel binnen een jaar een afgewerkte ruwbouw is, maar den binnen is het meeste werk en dat zal niet op 1,2,3 klaar zijn. Tegelijk zorgt dat er ook voor dat er geen deadline is. Ik woon nog thuis, dus er is geen datum dat mijn huurcontract afloopt. Geen druk.

Het was een vijfjarenplan en ondertussen is er al een dik jaar voorbij. Dus ik schat dat ik binnen ongeveer 4 jaar aan het verhuizen ben. Misschien vroeger, misschien later. Er is geen haast, maar we willen ook niet aanmodderen. Het is voor mensen blijkbaar moeilijk om te begrijpen dat ik geen verhuisdatum heb. Ik snap niet goed waarom, maar het blijkt voor anderen moeilijk te aanvaarden dat ik pas over 4 jaar verhuis. Maar zelf zorgt dat absoluut niet voor stress, integendeel.

Waar sta je nu in het project?

De fundering, inclusief betonplateau is klaar. Dit voorjaar start de ruwbouw, waarvoor de materialen (gevelsteen, dakpannen, isolatie) al zijn gekozen. De volgende stap is het kiezen van de ramen, deuren en garagepoorten. Verder moeten er ook beslissingen gemaakt worden inzake verwarming bv.

Inrichting? Dat zal pas iets zijn voor over een dikke twee jaar. Ik heb daar ook echt nog niet deftig over nagedacht. Ik wil het stap voor stap doen.

Welke stijl van huis ga je zetten?

Een huis met een puntdak. Jawel, baanbrekend, ik weet het. Tegenwoordig worden er veel van die witte of zwarte legoblokken gezet (zo noem ik dat dan ^^). Dat is helemaal niet mijn ding. Ik ga voor een vrij traditioneel huis langs buiten. Hoevestijl, met één verdieping (en dus slaapkamers onder het dak, super gezellig) en een rustieke gevelsteen. Dat wil niet noodzakelijk zeggen dat de inrichting ook traditioneel zal zijn.

Ik wil wel gaan voor een warme kleurrijke inrichting en geen zwart-wit of Scandinavisch design. Dat past gewoon niet bij mijn persoonlijkheid. Maar verder ligt op dat vlak alles nog open.

Waar ben je aan het bouwen?

Ik zou Baal nooit kunnen verlaten. Dus blijf ik in dit mooie dorp ;).

Dat kan je toch niet betalen op je 25ste?

En toch zal ik volledig onafhankelijk op het einde van de rit mijn huisje zelf betaald hebben. Er is niemand anders die mijn rekening moet maken, alleen ikzelf. En hoewel er al allerlei doemscenario’s voorbij zijn gekomen in mijn hoofd, weet ik dat het me wel zal lukken.

Ik heb altijd bewuste geldkeuzes gemaakt en al best veel gespaard. Ik ben bijvoorbeeld nooit op kot geweest om mezelf en mijn ouders dat geld te besparen. Dat was een bewuste keuze op mijn 18de die nu een beetje oplevert en zo heb ik nog wel wat keuzes gemaakt. Ik ben niet enig kind trouwens dus het niet zo dat er me massa’s geld in de schoot geworpen wordt.

Uiteraard zal het niet gemakkelijk zijn en zal ik sommige dingen moeten laten vallen in functie van het huis. Maar ik ben ervan overtuigd dat dat ook zo zal zijn als ik er op mijn 30ste pas aan begin. Dus waarom wachten? En als je goed hebt opgelet verhuis ik helemaal niet op mijn 25ste, maar op mijn 29ste en dat is dan eigenlijk vrij laat om alleen te gaan wonen.

En hoe zit dat dan met het lief?

Deze vraag komt van mensen die weten dat ik al met de bouw bezig was voor ik een relatie had. Want wachten op de prins op het witte paard voor je actie onderneemt, dat zit niet in mij. Dus ja, de bouw is voorlopig vooral mijn project. Want je mag de grootste optimist ter wereld zijn, je moet gewoon toegeven dat over 4 jaar mijn leven en mijn relatie er anders kan uitzien. Of net hetzelfde is gebleven. Het kan alle kanten uit.

Het is cliché, maar er regelmatig over praten helpt. Het lief wordt zeker betrokken, maar staat niet elk weekend op de werf. Omdat geen van ons twee dat op dit moment nodig vindt. Time will tell. En ik heb er alle vertrouwen in dat we er samen zullen uitkomen. Ja, goed gespot, er zit soms ook een optimist in mij.

Hoe blijven we op de hoogte?

Mijn beste vrienden geef ik regelmatig een update via Instagram Stories, omdat ik gewoon niet iedereen elke maand zie en zo kunnen ze toch een beetje inschatten hoe het vordert.

Daarnaast zal je in mijn persoonlijke posts hier ook af en toe wel een idee krijgen van hoe het gaat. Ik ben gewoon niet het type dat elke dag foto’s online zal plaatsen van het huis, dat voelt niet juist voor mezelf. Ik kan me ook wel voorstellen dat ik over een jaar weer totaal andere vragen krijg over #projecthuis en ze opnieuw bundel in dit soort post.

Staat je vraag er niet tussen?

Daarvoor dienen gelukkig de comments!