Een beetje introvert is best oké #3

Het is nooit de bedoeling geweest dat dit een soort van rubriek zou worden, maar af en toe heb ik blijkbaar nood om een potje te lullen over mijn introvertheid. Een kleine twee jaar geleden heb ik mijn introvertheid leren omarmen en een jaar geleden handelde ik er zelfs al naar om mezelf af en toe wat meer alleentijd te geven.

Ik botste keihard tegen mijn introvert karakter tijdens #BAS1516. De dynamiek in een groep kan mij blijkbaar anders op zaken doen reageren. Hij kan mij net aanweziger maken of in een hoekje stil verzeild doen raken. Toen ik twee jaar geleden begon te werken op mijn huidige job startte ik samen met 4 andere collega’s. Voor de bestaande collega’s was dit meteen een grote groep nieuwe mensen erbij en ik heb al vaak horen zeggen dat dit de sfeer op kantoor toen erg hard heeft beïnvloed. Drie van de collega’s die toen samen met mij zijn gestart zijn extravert en heel aanwezig, terwijl onze developmentteams van nature uit heel introvert zijn. Zij moesten daar toen wel hard aan wennen.

Ik vond gelukkig snel mijn plaatsje in de groep. Het jaar daarop vertrokken heel wat collega’s, er kwam ook regelmatig iemand nieuw bij, maar ons totaalaantal bleef min of meer hetzelfde. Tot nu.

Sinds juni is er één collega weggegaan en er zijn 7 collega’s bijgekomen. De helft van hen vervangt ook effectief iemand die is vertrokken, maar er is ook gewoon extra mankracht bijgekomen.

Voor alle duidelijkheid: die mankracht was effectief nodig. Het was op zijn zachtst gezegd druk en dat is het nog altijd. Er zou nog 5 man extra bij kunnen met het huidige werk. Maar voor mij is het eerlijk gezegd even genoeg geweest.

De dynamiek in de groep is weer zoek. Ik merk nu hetzelfde als wat de anderen twee jaar geleden ook gehad moeten hebben. We moeten aan elkaar wennen. In elk team zit een nieuw gezicht. Met een eigen karakter. En het zijn heus niet allemaal extraverten. Dat is het zeker het probleem niet. Het is eerder zoeken naar balans, naar structuur.

Ik kruip er onbewust van in mijn schulp. Er zijn het laatste jaar wat mensen vertrokken met wie ik goed klikte en het heeft even wat tijd nodig om dat gevoel te krijgen bij de nieuwen. Ik ben overgevoelig aan de sfeer op het werk en merk gewoon dat iedereen zoekende is, waardoor ik zelf ook enorm op zoek ben naar iets dat ik niet kan definiëren (hoera, weer zo’n duidelijke blogpost van mij!!). Toen vorige week de laatste nieuwe collega begon was ik zelfs niet meer enthousiast. Er zijn even genoeg nieuwe gezichten. We zijn nog nooit met zoveel geweest…

Ik weet dat dit allemaal gaat loslopen. De mensen zijn goed geselecteerd. Ze passen in de groep. En ze zijn minstens even onzeker als wij allemaal. Eén op één heb ik al fijne gesprekken gehad. Maar mijn introverte persoon is op zoek naar een referentiekader. En dat is er nog niet.

Dus had ik even helemaal geen zin in een weekendje met één van de teams (dat niet het mijne was en dus was ik sowieso al iets meer een outsider) en in een teambuildingsactiviteit met zijn allen.

En weet je wat. Ik heb even moeten doorbijten. Maar dat weekendje en vooral die teambuilding zijn helemaal goed gekomen. Ik probeer tijd te nemen om één-op-één mensen te leren kennen. En af en toe zonder ik me toch even bewust af. Ik hoop zo dat dit allemaal op zijn pootjes valt. Zoals het dat altijd doet.

Het was weer even geleden dat mijn introvertje en ik elkaar kwijt waren. Maar deze keer ben ik niet tegen de muur gelopen. Deze keer heb ik het ‘probleem’ mooi op voorhand kunnen uitspreken en maatregelen kunnen treffen. De tijd nemen om te wennen. Me niet in die extraverte rol duwen, want dat vraagt zoveel energie. En zo doe ik mezelf elkaar keer wat minder pijn. Want zo’n muur die gaat niet vanzelf aan de kant. Daar moet je over klimmen om een botsing te vermijden.

Hoe ga jij om met een nieuwe groepsdynamiek?

Advertenties

Over je passie volgen en je dromen najagen

Het is een beetje een tegendraadse post, want de ondertitel van mijn blog is passie als toverwoord. Maar daarin gaat het vooral over dingen met passie doen. Ook alledaagse dingen. Het gaat niet zozeer om je passie volgen. Want dat is iets dat ik zelf namelijk nog niet heb uitgevogeld hoe ik dat dan moet doen.

Wat is mijn passie? Heb ik een passie? Of heb ik er meerdere? Het is nogal belangrijk om dit te weten voor je het kunt volgen. Ik las over het laatst in een online tijdschrift (sorry ik weet echt niet meer waar) iets over hoe iedereen naarstig zijn dromen probeert na te jagen en hoe dat voor een vreemd gevoel kan zorgen als je zelf nog niet helemaal weet wat je passie is. Dan loop je maar wat verdwaald rond in een stad die je niet kent.

Wel sorry maar hoe herkenbaar is dat? Ik doe een aantal dingen heel graag. En dat zijn dingen die ik doe uit mezelf en voor mezelf. Zonder dat iemand zegt dat ik het moet doen. Schrijven bijvoorbeeld. Ik doe het moeiteloos, graag en spendeer er vrije tijd aan. Ik doe dit eigenlijk nog maar 3 jaar, want voor deze blog had ik niet het flauwste benul dat dit iets voor mij was. Ik heb het soms nodig om te functioneren, dat schrijven. Het gaat me dan niet om publiceren of reclame te maken rond de blog. Nee, puur schrijven op zich. Woord per woord. Om mijn gedachten op een rijtje te zetten. Dat zijn ook mijn beste stukken vind ik zelf. Schrijf ik zoals afgelopen weekend eens niet (want op vakantie), dan zit mijn hoofd de week erna dubbel zo vol. Dat moet eruit.

Maar is schrijven nu mijn passie? Ik denk dat niet. Mensen zeggen dat je van je droom, hobby of passie je beroep moet proberen maken. Wel, ik schrijf soms tijdens mijn werkuren voor klanten en ik kan je nu al één ding zeggen: dat is niet hetzelfde. Ik denk dat schrijven voor mezelf een passie kan zijn, maar het zou nooit mijn beroep kunnen zijn (het is momenteel een groot deel van mijn job, maar ik bedoel hier enkel puur schrijven). In de eerste plaats omdat niemand mij zou betalen om over mijn gedachten te schrijven (als je hier niet mee akkoord bent – en je hebt geld op je bankrekening – gelieve me dan nu te contacteren!), maar vooral omdat het dan van moetes is (want SEO en wensen van klanten, je lezer vooropstellen enzoverder).

Moeten is niet tof weet je wel? Moeten maakt iets dat je graag doet tot een plicht. En je plichten ga je amper je passie noemen, toch?

Wat is dan mijn passie? Ik vind dansen leuk. Maar zou het niet professioneel kunnen doen. Geschiedenis is zeker een zwaar interesseveld, vooral bepaalde periodes. Ik vind marketing en reclame de max, maar zou het geen droomjob willen noemen. De koers en de cross, dat is uitermate boeiend. Verstand op nul en topsport kijken. Maar of het meer is dan dat?

Ik weet het niet. Ik heb geen passie om te volgen. Ik heb verschillende interesses en hobby’s waaraan ik graag mijn vrije tijd besteed. Maar een duidelijke passie die boven alles staat?

Je ziet veel bloggers een bucketlist, life list, 40 things before 40 (en weet ik veel hoe ze het noemen) opstellen. En ja, er zijn heel wat dingen waarvan ik vaak zeg dat ik ze eens wil proberen of meegemaakt hebben. Op roadtrip, leren drummen, een ballonvaart om maar enkele voorbeelden te noemen. Ik zou dat in een soort van bucketlist kunnen gieten. Maar opnieuw: een droom? Of zelfs maar een droomjob? Ik vrees dat ik je het antwoord schuldig moet blijven.

En dat klinkt raar om te zeggen. Want natuurlijk droom ik wel. Wat als ik de Lotto zou winnen? Wat als ik een jaar zonder job zou kunnen? Ik kan wel heel wat fijne dingen verzinnen om mijn tijd mee te vullen. Maar wat-als scenario’s zijn niet hetzelfde als wat die coaches bedoelen wanneer ze zeggen dat je er voor moet gaan, voor die droom.

Er valt weinig na te jagen als je elke dag er het beste van probeert te maken vind ik. Waarom zou ik wachten tot ik gevonden heb wat ik wil najagen? Laat mij maar gewoon elke dag fijne dingen doen. Hoe klein ook.

Ik ben keihard zo’n lijstjesmens als ik naar een nieuwe stad ga. Ik wil zoveel zien, zoveel bezoeken, overal gaan eten. Maar ik kan dat ook vrij goed loslaten. Soms ligt het mooiste plaatje om de hoek en uit je route. En dat besef is goud waard. Wat heb ik er aan als ik me vastbijt in iets en dan al het andere moois niet meer zie?

Heb jij een passie? Of struggle je hier ook een beetje mee? 

P.S. Dit is niet echt een samenhangende post denk ik. Het was gewoon weer zo eentje die eruit moest. Nu is dat uit mijn systeem.

Mijn tips om meer te lezen

Lezen is een manier voor meer offline tijd. Minder tijd verdoen op sociale media. Ik heb ooit een tijdje niet meer gelezen (met dank aan de stomme verplichte ‘literatuur’ in het middelbaar) en ben het dan stilaan terug beginnen opbouwen. Waardoor ik nu zonder moeite een dertigtal boeken per jaar lees. Dat is nog niet enorm veel. En het zou dus veel meer kunnen zijn als ik nog minder op mijn gsm zit of voor tv hang. En als ik dunnere boeken zou kiezen dat ook ^^. Het gaat mij eigenlijk niet om het aantal, maar om het leesplezier en het bewust tijd maken voor een goed verhaal.

30 boeken per jaar dat gaat er bij sommigen echt niet in. Niemand lijkt tijd te hebben om te lezen. Maar eigenlijk is het een kwestie om van lezen een prioriteit te maken. Om die paar pagina’s per dag in je dagelijkse routine te verwerken.

Talloze bloggers deelden al hun tips. En nu krijg je de mijne er nog gratis bij. Het is allemaal geen exacte wetenschap. You do you. Maar dit is wat voor mij werkt.

  • Zorg dat je altijd in een boek bezig bent

Klinkt zo eenvoudig, maar het is echt het beginnen dat het moeilijkst is. Dat is zoals dat eerste woord van een blogpost. Het lege blad schrik je af, net zoals een nieuw boek dat ook doet. Ga je het verhaal wel leuk vinden? Een klik hebben met het hoofdpersonage? Leest het wel vlot? Er is maar één manier om daar achter te komen: beginnen met lezen!

Eens je die eerste pagina’s hebt verteerd en in het boek zit ga je automatisch tijd maken om verder te lezen. Want je wil toch weten hoe het afloopt? Stel beginnen dus niet uit. Een boek kopen en wachten tot je tijd hebt om er in te starten kan er voor zorgen dat je ineens maanden verder bent. Begin met één pagina. En daarna nog eentje. En voor je het weet ben je halfweg. Ook als je een boek uitleest wacht je dus best niet te lang met het volgende.

  • Zoek jezelf een niche, favoriet genre, set van lievelingsauteurs…

Je moet iets hebben om op terug te vallen. Wat niet wil zeggen dat je altijd dezelfde soort boeken moet lezen. Uit je comfort zone lezen is heerlijk. Maar soms wil je gewoon snel een volgend boek kunnen kiezen. Of vlug naar een rek in de bib kunnen gaan om daar iets te kiezen. Bij mij zijn dat historische boeken over Engeland. Ik weet perfect bij welke auteurs ik moet zijn en hoe het verhaal gaat lopen (want het is geschiedenis). Als ik dus even in leesdipje zit halen die boeken me er altijd weer uit.

Bij het lief zijn dat thrillerboeken van zijn favoriete auteurs (die schrijven vaak hele series rond een detective bij elkaar). Er zijn zoveel boeken, het aanbod is overweldigend. Door je eigen favoriete genre heb je gelukkig wel altijd een boek om in te beginnen. En dan is de vorige tip dus een makkie.

  • Maak een account op Goodreads

Om tonnen inspiratie op te doen. Om je leesvriendjes te motiveren. Om een reading challenge te stellen. Mijn mening over zo’n leesdoel is dat het je echt kan helpen om meer te lezen, want je werkt ergens naar toe. Maar het mag geen doel op zich worden. Mensen die dan ineens dunnere boeken gaan lezen om die challenge alsnog te halen. Heeft dat wel zin? Daar is niks mis mee als je die boeken echt wil lezen, maar als je ze gewoon gaat kiezen om hun dunheid dan blijven andere goede boeken in een hoekje liggen en dat is zonde!

Goodreads als sociaal medium is geweldig om nooit zonder te lezen boeken te vallen. Voeg me gerust toe als vriend trouwens.

Naast Goodreads zijn er nog heel wat andere boekige websites. Zoals Leuven Leest, Lang zullen we lezen, Hebban… Maar ook folders van boekenwinkels, de #nevernotreading nieuwsbrief van Kelly, updates van de plaatselijke bib, boekenblogs… Ze bezorgen me allemaal inspiratie en zin om te lezen!

  • Maak boekenvriendjes

Klinkt misschien vreemd, maar als je vrienden hebt die veel lezen ga je automatisch al eens over boeken praten. Elkaar tips geven. Een lief dat veel leest, ook al is het een totaal ander genre, helpt ook om vaker te lezen want dan doe je dat gewoon samen ;). En wie dus niet meteen gezegend is met een boekige vriendenkring kan online op zoek naar eensgezinden.

  • Lees op een vast moment

Nog steeds de beste tip om een routine op te bouwen: tandenpoetsen doe je immers elke dag omdat je het steeds op hetzelfde moment doet. Al jaar en dag. Met lezen kan je exact hetzelfde doen. Lees altijd voor het slapengaan. Of op de trein. ’s Morgens na het ontbijt. Tijdens je middagpauze… Je kan wel tientallen verschillende momenten bedenken dat je kan lezen. Begin met het te doen. Elke dag opnieuw. En voor je weet is dat lees(half)uurtje een verworven recht en zijn jullie onafscheidelijk.

Ik lees niet vlak voor het slapen, maar vaak na mijn dagelijkse douche. Dat is zo het moment dat alle verplichtingen gedaan zijn en dan ontspan ik door wat te lezen om dan nadien vaak nog wat tv te kijken ofzo. Het zou beter omgekeerd zijn, ik weet het. Maar het werkt wel. En daarnaast lees ik elke werkdag op de trein. Een ritje is bij mij maar een twintigtal minuutjes. Maar dat is toch 40 minuten leestijd per dag erbij.

  • Lees de boeken die je wil lezen

Ik zei daarnet al dat ik soms mensen dunne boeken zie lezen om hun challenge te halen en dat het zonde is dat ze enkel daarop een boek selecteren. Kijk, er zijn ontzettend meer boeken dan de hoeveelheid die jij in één leven kan lezen. En de media duwt jammer genoeg dezelfde boeken in iedereen zijn strot. Lees geen boeken omdat je denkt dat je ze moet lezen. Lees de boeken die je aanspreken. Dat kan de nieuwste Dan Brown zijn, maar dat kan even goed een nicheboek zijn waar niemand ooit heeft van gehoord. Of een stationsrommannetje. Een zelfhelpboek.

Het maakt niet uit. Er is geen boekenpolitie die zegt dat je iets wel of niet mag lezen. Wil je graag weten of de 50 Shades hype terecht was? Spoiler alert: dat was het niet. Dat boek is niet goed. Maar ik heb het ook gelezen. Omdat ik nieuwsgierig was. En nee ik heb daar geen spijt van. Maar ik hoef de vervolgdelen ook niet te lezen.

Harry Potter heb ik dan weer niet gelezen. Waarom? Geen idee. Ik las niet in de periode dat iedereen ze wel las en nu ik wel lees lijkt Harry Potter op dit moment niets meer voor mij. Misschien lees ik het ooit nog. Misschien niet.

Ik heb al 10 of meer boeken gelezen over Henry VIII. En waarschijnlijk vind jij dat raar, want het verhaal is toch altijd hetzelfde? Maar ik vind het fijn om steeds een nieuwe interpretatie te lezen over dezelfde gebeurtenissen. Net zoals sommigen dus graag de zoveelste zaak oplossen samen met Robert Langdon of de zoveelste seksscène lezen tussen Anna en Christian. It’s fine. Er zijn geen slechte boeken. Niet elk boek is geschikt voor iedereen. Wat voor mij brol is is dat voor een ander niet.

Lees die dikke klassieker dus omdat je het wil en niet omdat je ermee wil uitpakken.

  • Maar durf toch eens een ander boek op te pakken

Iets dat je ergens wel aanspreekt, maar waarvan je op voorhand niet weet of je het goed gaat vinden. Omdat iets nieuws verfrissend kan zijn. Het zorgt voor een nieuwe blik. Meer leesplezier. Het kan ook keihard tegenvallen. Tja, dat kan je nooit op voorhand weten. Een klassieker is ook altijd een goede gok om iets nieuws te proberen. Dat zijn boeken die de tand des tijds hebben overleefd met een reden. Je moet niet per se de oude engelstalige oubollige editie lezen. Er zijn moderne vertalingen of hervertellingen genoeg. (Zegt zij die vaak wel de oude versie leest ^^).

Ik zou nog meer tips kunnen geven, maar deze lijken me een goed startpunt. Als je bovenstaande tips allemaal toepast is de kans groot dat lezen een deel van je dagelijks leven wordt. En misschien nog eentje: voel je niet schuldig als het even niet lukt. Er zijn ook dagen dat ik geen boek aanraak. En dat is ook oké. Laat het los ;).

Wat is jouw gouden tip om meer te lezen?

Quarter life #2: de standaard

2018 is het jaar dat ik 25 word. Voor velen is dat de ideale leeftijd. Je moet nog veel beslissingen maken in je leven. Alles kan nog. Maar het is tegelijk de leeftijd dat velen zich wat vastrijden. Dat de keuzemogelijkheden je belemmeren. Dat je je afvraagt of dit het nu wel is. Wat dit ook mag zijn.

Omdat er over schrijven kan helpen om het onderwerp toegankelijker en meer bespreekbaar te maken vond ik het een goed idee om een rubriek in het leven te wijden die enkele moeilijkheden, vragen, onzekerheden over de quarter life bespreekt. Want er is zoveel zever over te vinden online en dat helpt de vooroordelen niet echt de wereld uit.

Vorige keer had ik het over de oneindige lijst met checkboxes waaraan een 25-jarige wanhopig probeert te voldoen en dat dit een negatief effect heeft op het zelfbeeld als een box aftikken niet lukt.

Maar het feit dat die lijst überhaupt zo lang kan worden heeft te maken met het feit dat er vandaag geen standaard meer is om leven in te vullen.

Niets is nog standaard

Vroeger lag je leven al voor een groot deel vast op het moment dat je geboren werd. Denk maar aan middeleeuwen: je werd geboren in een bepaalde stand en dat bracht zaken met zich mee (voorrechten, plichten, financiële situatie…). Overgaan naar een andere stand was praktisch onmogelijk, je trouwde dan ook met iemand uit dezelfde stand en voor je  kinderen werd hetzelfde verhaal geschreven. Armoede hoorde er op die manier gewoon bij voor veel families.

Ok, ik wil ons niet gaan vergelijken met de middeleeuwen, maar zelfs in de tijd van onze ouders en vooral grootouders bepaalde de omgeving waarin je geboren werd heel veel. Het beroep dat iemand ging uitoefenen was niet toevallig heel vaak het beroep van een van de ouders (en vaak deden beide ouders hetzelfde beroep en was dit de reden dat ze elkaar hebben leren kennen). Kinderen die verder droomden dan dat werden vaak met de voeten weer op de grond gezet.

Vandaag is dat helemaal anders. We worden opgevoed met het idee dat alles mogelijk is. Dat we op zoek moeten gaan naar wat we echt willen, waar we gelukkig van worden. En dat leidt tot veel meer verschillende levenssituaties waarin mensen kunnen zitten dan de oorspronkelijke drie standen of 10 beroepen.

Kijk alleen al maar eens naar onze gezinssituatie: vroeger had je verloofd/getrouwd, single of weduwe/weduwnaar. Vandaag heb je daarnaast: wettelijk samenwonend, gescheiden, eenoudergezinnen (al dan niet door een scheiding of BOM’s), samengestelde gezinnen, in een relatie maar niet samenwonend (LAT-relatie), holebi-relaties, friends with benefits, it’s complicated… ;). Trouwen is niet langer de standaard. Er is zelfs geen standaard meer.

It’s complicated

Die laatste relatiestatus vat het mooi samen: het is allemaal een pak complexer geworden doordat de standaard is verdwenen. Maar een standaard zorgt voor een referentiekader. Iets om aan vast te houden, om naar toe te werken. Noem huisje, tuintje, kindje cliché, maar het is een patroon. Iets om te volgen. Het neemt veel stress en beslissingen weg.

Heel veel leeftijdgenoten hebben geen idee waar ze over een jaar zullen wonen en welke job ze over 5 jaar zullen uitoefenen. Door alle technologische veranderingen is het sowieso niet zeker dat een bepaalde job nog bestaat. Een horlogemaker dacht er 100 jaar geleden niet over na of hij zijn zaak wel zou overdragen aan zijn zoon zodat die genoeg werk zou hebben. Wie koopt er vandaag nog een horloge bij een echte horlogemaker? Wie draagt er überhaupt nog een horloge die geen fancy zwancy Fitbit is?

Er is geen standaard meer om aan vast te houden, er is ook geen kader meer. Ons referentiekader is voortdurend in verandering. Zekerheid is een schamel goed geworden. Dit is geen vroeger-was-het-beter pleidooi. Het feit dat iemand die in een ongunstige situatie is geboren zich daaruit kan werken vind ik fantastisch. Maar het maakt ook dat veel jongeren vastlopen op dingen omdat ze een weg zijn ingeslagen waar ze het eindpunt niet meer van zien.

We gaan op zoek naar een ander referentiekader. En daarvoor gaan we nog altijd kijken naar anderen. En de informatie over het leven van die anderen vinden we op sociale media. En dat is dan weer een oplossing die andere problemen met zich mee brengt. To be continued :).

Of toch een standaard?

En ik? Ik merk dat ik toch nog vaak de oude standaard als mijn referentiekader gebruik. Ik kom uit een goede omgeving en merk dat ik automatisch beter klik met mensen die dezelfde achtergrond hebben. Ik werk ook een vrij klassiek lijstje af: studeren, een auto, een job, volgende stap: een huis. Maar tegelijk durf ik tegen die standaard te schoppen. Kinderen staan bij mij niet op het lijstje. En oh wee, als ik dat durf uit te spreken!

Want dat is het echte probleem. Ik kan hier wel staan beweren dat er geen standaard is en dat alles mogelijk is, maar we kennen allemaal de mensen die verstoten worden uit de groep/de maatschappij/… omdat ze het patroon niet volgen.

In veel landen is homoseksualiteit hiervan jammer genoeg steeds een goed voorbeeld. Alles mag, maar verliefd worden op iemand van hetzelfde geslacht hoort blijkbaar niet bij alles.

Zo zie je maar: die alles mag wordt vooral gezegd door mensen wanneer het hen goed uitkomt. En dus is de standaard er meestal niet, maar soms toch wel. Niet moeilijk dat we het bos door de bomen niet meer zien als we als begin twintiger ons leven moeten vormgeven.

Merk jij veel van de standaard die er niet meer (of net wel nog) is?

Quarter life #1: checkboxes

2018 is het jaar dat ik 25 word. Voor velen is dat de ideale leeftijd. Je moet nog veel beslissingen maken in je leven. Alles kan nog. Maar het is tegelijk de leeftijd dat velen zich wat vastrijden. Dat de keuzemogelijkheden je belemmeren. Dat je je afvraagt of dit het nu wel is. Wat dit ook mag zijn.

De quarter life crisis hakt er bij veel leeftijdgenoten danig in. Ik merk dat ook rond mij. En ik weet dat ik zelf ook regelmatig heel onrustig word in mijn hoofd. Er is tegelijk ook weinig begrip van ouderen, want wat hebben wij te klagen? Het zal wel liggen aan het feit dat we millennials zijn: te verwend, te egocentrisch, te lui om echt iets met ons leven te doen, te weinig waardering voor wat we wel hebben.

Omdat er over schrijven kan helpen om het onderwerp toegankelijker en meer bespreekbaar te maken vond ik het een goed idee om een rubriek in het leven te wijden die enkele moeilijkheden, vragen, onzekerheden over de quarter life bespreekt. Want er is zoveel zever over te vinden online en dat helpt de vooroordelen niet echt de wereld uit.

Voor alle duidelijkheid: ik heb geen quarter life crisis. Ik ben wel in mij quarter life en deze vraagstukken zijn al allemaal eens op mijn pad gekomen zonder dat ze mijn leven beheersen. Toch een belangrijke nuance.

Vandaag wil ik het hebben over jezelf zo hard pushen om alle checkboxes in je leven te kunnen afvinken.

Afvinken

Want dit begin je wel te doen tijdens je quarter life: je vergelijkt je eigen situatie met die van een ander en ziet meteen heel wat gelijkenissen. Want iedereen lijkt een toffe job te hebben, een leuke partner, gaat regelmatig avontuurlijk op reis, woont op een eigen plekje… Al snel is er sprake van een soort mentale onuitgesproken checklist tussen leeftijdgenoten. En als je niet genoeg zaken van die lijst kan afvinken lijkt je leven niet de moeite waard.

Ik merk dat heel erg in gesprekken met vrienden en kennissen. De eerste grote uitdaging na het afstuderen is het vinden van een job en dan is het iedereen tegen elkaar op. De jacht op de leukste, meest uitdagende en prestigieuze job is geopend. Grappig genoeg is hoeveel je betaald wordt dan weer niet belangrijk. Het gaat om de inhoud. En laat dat nu net geen objectieve parameter zijn. Maar het is tegenwoordig niet makkelijk om überhaupt werk te vinden. Dus voor sommigen is dit al de eerste checkbox die leeg blijft. En moeten ze tekenen voor werk dat beneden hun kunde ligt. Dat kan je zelfbeeld sterk naar beneden halen.

Een tweede must lijkt het hebben van een droompartner en op zoek gaan naar een eigen nest samen. Ik had niet door hoe belangrijk deze was tot ik zelf mijn relatie aankondigde en ik in mensen hun gezicht de opluchting zag. Een goede job en een alleen-wonen-plan was er al, maar met een lief vinden had Annelies duidelijk meer problemen. Of dat was toch de algemene opinie. Het is alsof wij niet alleen bezig zijn met onze eigen checklist maar ook waken over die van een ander.

En dan heb je die ene vriend of vriendin bij wie een lange relatie ineens voorbij is. Er wordt ondertussen veel minder dan vroeger gezegd: je hebt nog tijd. Tinder wordt snel boven gehaald als lapmiddel. Als er 1 checkbox is waar ik van walg dan is het deze. Je kan perfect gelukkig zijn alleen, meer zelfs, het is dan dat je aantrekkelijk bent voor anderen. Mensen bij wie de relatie afspringt krijgen meteen ook een serieuze deuk in hun zelfbeeld.

En dan heb je het: alles-uit-je-leven-want-je-bent-nog-jong-motto nog. Saai zijn is te vermijden. Dus beginnen jongeren met een goede job en een lief al eens na te denken: is dit het wel? Als ik een jaar wil gaan rondreizen moet ik het dan niet nu doen? Voor ik een lening af te betalen heb en voor kinderen moet zorgen? Je hebt er die meteen alle zekerheid overboord gooien en vertrekken, maar het merendeel blijft verder doen en dromen. Ze zoeken het avontuur ergens anders. Gebruiken elke vakantiedag om op het vliegtuig te springen en wekken op sociale media de indruk dat alles wat zij doen zo veel indrukwekkender is dan jouw Netflix & chill.

Saai is een stempel die niemand wil. Maar niet-saai willen zijn is verdomd vermoeiend. Vergelijken kan dan opnieuw een moeilijk punt zijn voor je zelfbeeld. Het zelfbeeld krijgt het duidelijk danig te verduren. Niet moeilijk dat burn-outs en depressies steeds jongere slachtoffers maken. Want het probleem met zo’n checklist is niet alleen dat deze constant in je achterhoofd zit, maar ook dat het gewoon onmogelijk is om hem te vervullen.

Een onmogelijke opdracht

Voor iedere 25-jarige zal het moeilijk zijn om een volledig afgevinkte lijst te hebben. Als je voluit voor je job gaat dan moet je inboeten qua avontuur en de liefde heeft niemand onder controle. Er zijn daarnaast nog massa’s andere checkboxes denkbaar (een slank lichaam, het lekkerste en gezondste eten op Instagram kunnen gooien, freelancer zijn, een creatieve hobby en noem maar op…) en dat is het probleem: we willen te veel. Hoe meer er op de lijst staat hoe moeilijker deze te vervolledigen is. Logisch toch?

We vragen iets van onszelf dat niet kan. Maar wekken tegelijk de indruk aan iedereen dat het kan. Waardoor je jezelf gefaald vindt, want iedereen rond je lijkt er wel in te slagen. Het is een vicieuze cirkel. Een zeepbel waarvan je naald niet meer vindt om deze te doorprikken.

Met mijn lijst is het over het algemeen wel goed gesteld vind ik. Ik ben er niet fanatiek mee bezig. Of toch minder dan mensen rondom mij blijkbaar bezig zijn met mijn lijst. Dat lief maakt mijn leven leuker, maar ben ik daarom nu per se meer compleet?

Ik zou 10 jaar geleden getekend hebben voor wat ik nu heb. Wat wil niet wil zeggen dat ik het niet beter kan. Ik ben gelukkig realistisch genoeg om te beseffen dat ik nog alle tijd heb om die lijst uit te breiden. Daarbij als je op je 25ste al alles hebt, wat moet je dan de komende jaren nog doen? ;).

Volgens mij is zo’n checklist van alle generaties. Alleen stopte hij vroeger bij een partner, een huis en kinderen (dit is kort door de bocht uiteraard, maar je weet wat ik bedoel). Vroeger was er een vastomlijnd ideaal. Nu niet meer. Het kader is weggevallen en wanneer we zelf een ruim kader scheppen merken we te laat dat het invullen onmogelijk is.

Herkenbaar? Hoe ervaar jij die checkboxes?

Over selfhelpboeken en blauwe plekken

Ik ben slecht in het opvolgen van goede raad. En dan bedoel ik niet de raad van mijn mama of van vrienden. Maar de raad die jij en ik allemaal krijgen. Eet 3 stukken fruit per dag. Drink 2 liter water. Zet 10.000 stappen. Slaap voldoende. Je wordt er in de boekskes en online artikels mee doodgegooid. Gezondsadvies daar kan ik allemaal nog wel tegen, hoewel het tegenwoordig met die trends de spuigaten uitloopt: superfoods, ontbijtbowls, vegan, suikervrij, lactosevrij, ikeetalleennoggrasvrij…

De laatste jaren gaat het advies van ‘de expert’ (zonder naam maar met witte jas) verder dan onze fysieke gezondheid. Hij/zij draagt ook met plezier zorg voor onze mentale gezondheid. Want geef toe: we zijn te hard voor onszelf. En dan is daar dat woord: self-care.

We moeten weer voor onszelf leren zorgen en dan hebben ze het niet over een dagcrème of een oogroller (al zal de cosmeticasector dit met plezier opvoeren). Neen, we moeten zorg dragen voor onze innerlijke ik. Het zijn niet langer alleen experts in een witte jas die op het toneel worden getoverd, maar zowat iedereen lijkt een self-care expert geworden te zijn. Er worden heuse selfhelpboeken geschreven door mensen die het roer hebben omgegooid en daar intens gelukkig van zijn geworden. Het zijn de Koen Crucke’s van dit decennium, ze hebben alleen geen kilo’s gewicht verloren, maar hebben het licht gezien en zijn eindelijk weer wie ze willen zijn: zichzelf.

Je moet het eens Googlen: de zelfhulpboeken top 10. Ze komen in alle vormen en maten. Boeken om productiever te wezen, om net minder te werken, om een burnout te bestrijden, om jezelf nieuwe gewoontes aan te leren, om gewoonweg gelukkiger te worden… De zogenaamde ervaringsdeskundigen van het eerste uur zijn er alvast beter door geworden: hun boeken verkopen en ze verdienen een dikke cent bij. Of dacht je dat Gretchen Rubins nog iets anders doet dan podcasts vol leuteren en af en toe een boek schrijven?

Ik moet eerlijk toegeven dat ik nog nooit zo’n boek las, dus ja ik heb makkelijk spreken. De podcast van Gretchen staat hier zelfs op de subscribedlijst, al luisterde ik nog nooit. En weet je waarom? Omdat ik fameus suck (pardon my French) in self-care.

Ik ben wel supergoed in voldoende slapen en af en toe uit te rusten met een boek op de zetel. En eerlijk? Ik ben al meer dan tevreden als me dat lukt een paar dagen in de week. Want een dag duurt ook bij mij maar 24u. En dat is ok zo. Ik heb niet elke dag tijd voor een meditatiesessie van een kwartier en ik hoef geen productiviteitstip om dat kwartier per dag extra wel te hebben. Dus ja ik surf soms uren doelloos op mijn telefoon in plaats van mijn lichaam uitgebreid te verzorgen terwijl ik TED-talks luister. So be it. Noem me koppig, noem me een millennial, maar heb ik tijd over om zo’n boek te lezen én in de praktijk om te zetten? Niet echt.

Om je nog een heel concreet voorbeeld te geven: Mijn benen staan permanent vol blauwe plekken (tel daar in de zomer nog wat muggenbeten bij). Af en toe door het dansen, maar in het merendeel van de gevallen doordat ik zo lomp ben om tegen de tafel te lopen. Die tafel verandert nooit van plaats, maar ik blijf er tegen lopen om dan te vergeten hoe ik aan die blauwe plek kom. Elke keer. En niet alleen met de tafel. Ik loop overal tegen. Ik zie er op momenten echt wel uit alsof ik een dik pak slaag heb gekregen.

Zal ik dus proberen om mezelf aan te leren niet meer tegen een tafel te lopen in plaats van een megagezond superfood ontbijt klaar te maken nadat ik enkele ingewikkelde yogaposes heb gedaan om 6u ’s morgens? Is dat niet al self-care genoeg voor deze bijna 25-jarige millennial? Zal ik de baanbrekende nieuwe gewoontes en levensveranderingen nog maar even laten voor wat ze zijn?

P.S. Mochten jullie een selfhelpboek kennen dat echt wel de moeite is mag je het altijd laten weten. Zo wispelturig ben ik dan ook wel :).

Is het iets voor jullie zo’n selfhelpboek?

Picture imperfect #5: Blogperfectionist?

Ik ga deze post beginnen met iets dat jullie al lang weten: ik ben een perfectionist. Ik wil steeds de puntjes op de i zetten. Ik zal nooit van mezelf zeggen dat ik iets heel goed heb gedaan. Hoogstens goed.

Ik ben een controlefreak. Laat mij dus aub mijn ding doen of ik kan wel eens heel bot uit de hoek komen. Ik heb onafhankelijkheid en verantwoordelijkheid nodig. Voor mij geen job waarbij ik eerst langs 5 oversten moet om een andere koffiebonenleverancier te kiezen (fictief voorbeeld: ik drink geen koffie).

Maar ik ben ook een blogger. En die blogger in mij wil het goed doen. Die wil controle hebben over wat ze wanneer publiceert. Maar die blogger is alles behalve een perfectionist.

Je leest hier onsamenhangende stukken die zeker niet allemaal van een journalistiek niveau zijn. Je vindt in elk stuk wel een spelfout (en dat terwijl ik op het werk bekend sta als een taalnazi). Ik lees niet elk artikel 15 keer na. Ik doe maximum een half uur over het schrijven van een blogpost, die ik 1 of 2 keer nakijk op fouten. En dan blijven er uiteraard fouten staan. It is what it is.

Ik heb geen blogplanning. Ik post wel sowieso iets op zondag en af en toe op woensdag. Soms zit ik zondagochtend nog iets te typen. Soms staat het klaar. Soms is het hier veel van hetzelfde, soms niet. Mijn focus is al 300x veranderd. En dat zal nog 300x opnieuw gebeuren. Alle foto’s heb ik zelf genomen, maar ik gebruik heel vaak dezelfde foto’s. Onbewerkt. Niet bijgesneden. Staat de horizon scheef? Jammer dan. Mijn titels zijn niet SEO proof. Ik optimaliseer mijn posts zelfs niet voor SEO. Mijn lay-out is dezelfde als toen ik 2,5 jaar geleden live ging. Ik maak geen reclame voor de blog. Ik doe geen samenwerkingen. Ik probeer op elke reactie te antwoorden. Ik schrijf.

Op mijn blog is dat perfectionisme dus duidelijk wat meer afwezig. In mijn job moeten mijn teksten inhoudelijk sterk, geoptimaliseerd voor zoekmachines én creatief zijn. Ik moet een lijst met synoniemen gebruiken. Ik moet call-to-actions bedenken. Overtuigen. Entertainen. Informeren. En dat allemaal in enkele zinnen. Ik ben dan niet ik. Ik ben het doelpubliek. In mijn job moet het. Daar ben ik die perfectionist die tot het uiterste wil gaan voor klanten. Dat maakt mij goed in mijn job.

Hier moet het niet. En dat is zalig. Dat maakt het bloggen voor mij zo leuk.

Als blogger kan ik diezelfde brok energie namelijk niet aan de dag leggen. Dit is mijn uitlaatklep. Hier kan ik schrijven zonder regeltjes. En ik weet best dat wanneer ik op publish druk het een goede post is. Ik weet dat ik kan schrijven, maar dat kan iedereen in blogland. En velen beter dan ik. En ja, ik zie dit als mijn portfolio. Maar niet om mijn literaire schrijfstijl (die overigens onbestaande is wat mij betreft ^^) te showen, maar om mijn persoonlijkheid en wilskracht kracht bij te zetten. Ik bewijs hier dat schrijven een hobby is waar ik tijd in wil steken en dat ik er in slaag om minstens 1 keer per week iets live te zetten dat steek houdt (of meestal toch).

Hier op deze blog ben ik ik. Hier lees je wat mij bezielt. Wat mij bezighoudt. Wat ik wil delen. Ik verkoop hier niets. Ik moet hier niemand overtuigen. Ik schrijf hier dingen van me af. En de ene keer is dat voor jou boeiender dan de andere keer. Alle begrip daarvoor. De perfectionist in mij vindt wat ik hier publiceer ook zeker niet heel goed. Ik zou nog veel willen doen met deze blog. Een nieuw thema, een eigen domeinnaam, meer posts per week,.. en god weet wat nog allemaal. Maar misschien is dat ook geen must. Misschien is het genoeg dat ik schrijf.

Dit is mijn plekje. Ik heb hier alle controle. En ik zeg dat het perfecte hier niet hoeft.

Ben jij een blogperfectionist?