Over sandwiches, boterhammen en feedback

Op een bitterkoude maar zonnige vrijdag trokken we met heel het team naar een boot (want: neem mensen uit dagelijkse omgeving en ze zouden openlijker zijn) voor een dagje teambuilding. Best uniek dat we met zijn allen op een werkdag, wel ja, niet aan het werk gingen. Dat het geen fun zou worden wisten we. We zouden echt wel aan onze samenwerking werken (met al dat werken in deze zinnen ^^). Maar fun is het altijd bij ons, dus het werd een toffe dag. En het zette me ook weer aan het denken. En dat is altijd gevaarlijk voor wat je hier te lezen krijgt ^^.

Sandwiches

Vlak na de middag begonnen we namelijk aan een stukje over feedback. En onze coaches pakten dit vrij theoretisch aan. Ze maakten komaf met de onderverdeling positieve en negatieve feedback en doopten dit om tot waarderende en confronterende feedback. De eerste frons op mijn voorhoofd was hiermee een feit want je kan een aap een ring aan doen, het blijft geen aantrekkelijk ding. Confronterende feedback klinkt misschien beter, het blijft iets waar niemand dol op is. What’s in a name?

De tweede frons kwam er toen ze expliciet zeiden dat de sandwichmethode bullsh** was, om daarna een andere methode op te hemelen, die wat mij betreft niet zoveel beter is. Voor wie de sandwichmethode niet kent: hierbij ga je een negatieve boodschap indekken door ervoor en erna iets positief te zeggen. Voorbeeld: je bent een super leuk persoon MAAR je werk zuigt kei en kei hard, maar je hebt wel je best gedaan. Ik overdrijf hier echt enorm, maar je snapt mijn punt wel. Het beleg wordt wat gemaskeerd door het broodje, vandaar de sandwich.

De sandwichmethode komt niet echt authentiek over werd er gezegd. Je meent het? Mijn mond viel niet echt open van verbazing. Ik die zelf ontzettend direct kan zijn, ook in feedback, besef echt wel dat direct negatief doen niet altijd goed overkomt. Maar onoprecht positief komt naar mijn bescheiden mening nog veel slechter over. Bij mij weet je ten minste dat ik meen wat ik zeg. I don’t pretend.

Boterhammen

Maar dus brachten ze een andere methode aan. De EN-EN methode. Hierin zeg je de confronterende feedback, maar je toont ook meteen een blijk van waardering voor de persoon en de relatie die je met hem/haar hebt. Typevoorbeeld: ik waardeer onze relatie heel erg en ik hoop dat wat ik ga zeggen dit niet stuk maakt, maar je werk zuigt echt hard. Of: Ik apprecieer je inzet en jou als persoon heel erg, maar het resultaat is echt niet wat het moet zijn.

Waarom dit de en-en methode heet, is mij een raadsel want in de praktijk grijp je snel naar het zo niet positieve woordje maar. Ik zou dit eerder de boterhammethode noemen. Je zegt iets positief samen met iets negatiefs. Resultaat: een stukje brood minder dan bij de sandwich en nog altijd niet veel oprechter toch? Ok, het gaat er hier om dat je appreciatie en waardering toont en dat je bijna letterlijk zegt dat je iemand niet wil kwetsen. Maar je kan jezelf toch niet wijsmaken dat dit de negatieve feedback minder kwetsend maakt? Het is een mooiere manier om het te zeggen, maar mooi is ook maar mooi.

Feedback blijkt moeilijker dan gedacht

Wat ik vooral jammer vind is dat feedback nog altijd zo moeilijk ligt anno 2018. Ikzelf heb best wel nood aan feedback, maar merk dat ik die zelf amper krijg en als ik er krijg is het positieve – excuseer mij waarderende – (en jullie weten hoe slecht ik met complimenten om kan gaan).  Want dat krijgen mensen wel makkelijk over hun lippen, het is namelijk geen risico om een compliment te geven. Zelf geef ik weinig feedback, omdat complimenten geven ook niet makkelijk is én omdat ik mensen niet wil kwetsen. Als het dus om iets niet super belangrijks gaat zal ik eerder mijn mond houden. Jammer hé, al die gemiste kansen? Directe feedback kan je echt als persoon doen groeien. En persoonlijke groei daar zijn we allemaal naar op zoek. Waarom helpen we elkaar dan niet?

Feedback lijkt dus geen simpel thema en ik begrijp ook wel waarom de coaches het op deze manier hebben aangepakt. Ik wil hun werkwijze niet afkraken (al kwam er een derde frons toen ze tips gaven voor introverten om om te gaan met zowel positieve als negatieve feedback, als mede introvert in een groep vol introverten vond ik dit wat vreemd, alsof we een andere soort zijn en alsof de reactie op feedback en introvertheid met elkaar te maken hebben, ik denk dat confronterende feedback voor iedereen moeilijk is, intro- of extravert, maar bon ik wijk af). Ik vond het gewoon opvallend hoe moeilijk zo’n thema dat makkelijk lijkt kan zijn, in theorie én praktijk.

Geef of krijg jij veel feedback? Hoe ga je daar mee om?

Wat ‘mijn botten’ over mij vertellen

Woensdagavond 23 september. Het startpunt van een nieuw hoofdstuk. Het hoofdstuk #BAS1516. De ingrediënten: een jeugdhuis ergens in Vlaanderen, 25 nieuwsgierige jonge getalenteerde mensen, twee lectoren en veel drank. We hebben gebabbeld, we hebben gelachen, maar we hebben vooral nog veel meer gezeverd.

Onmiddellijk aan de praat raken met 24 individuen die je niet kent, dat is ferm uit mijn comfort zone. Gelukkig (?) moesten we een voorwerp meenemen om ons voor te stellen. Eén voorwerp om uit te leggen wie Annelies is. Geen gemakkelijke opgave!

En dus nam ik mijn knalrode katchou botten mee. Dat leverde wel wat vreemde blikken op moet ik zeggen ;).

P1020159 (2)

Mijn botten staan voor één van mijn grootste passies: het veldrijden. Ik gebruik mijn laarzen ook eigenlijk alleen maar om naar de cross te gaan, zo’n acht tot tienmaal per seizoen. Gezien het (regenachtige) weer in België geen overbodige luxe, het hoort er gewoon bij. Het veldrijden is dus de meest obvious link tussen mezelf en mijn katchou botten.

Maar zeggen mijn rubberen laarzen ook iets over mijn persoonlijkheid? Jazeker! Zoals je ziet zijn het felrode laarzen en dat verwijst naar mijn kleurrijke kledingstijl. Ik ben gewoon een kleurrijk meisje en zal altijd het positieve in dingen zien. Daarnaast staan botten ook voor iemand die van aanpakken weet. Als ik iets doe, dan ga ik er volledig voor. Ten slotte sta je met je botten letterlijk dicht bij en vaak zelfs in de grond. Dat verwijst naar het feit dat ik redelijk down-to-earth ben. Ik ben een zeer realistisch persoon en ben niet snel tevreden. Ik ben dus absoluut geen zweverig type.

Door de voorwerpenronde wist je toch al meteen iets over elkaar en was het dus makkelijker om een ijsbreker te vinden. De kennismaking is eigenlijk nog best vlot verlopen. We waren immers allemaal wat zenuwachtig en onzeker, maar we hebben er samen drie hele fijne dagen van gemaakt. Ik ben helemaal klaar om met dit team aan de slag te gaan!

Zo zie je maar. Mijn botten vertellen meer over mij dan je denkt ;).